Zingen en soep

Zingen en soep

Sabine van den Berg

Op maandag verzorgen de Soeprano’s steeds een andere soep, altijd vers, veganistisch, zonder chemische toevoegingen. ’s Middags om half één kun je aanschuiven in de Biobar. Niet alleen mensen die wonen of werken in De Biotoop komen dan soep eten, ook smulpapen van buiten de hekken. Ik hoor bij de vaste afnemers. Voor mij staan er ’s avonds twee emmertjes klaar in de koelkast. 

Maandag rond etenstijd ben ik traditiegetrouw op zoek naar kleingeld voor de vrijwillige bijdrage. Daarna moet ik de emmertjes van de vorige keer niet vergeten, die schoon klaarstaan voor de volgende gebruiker. Ik pak mijn speciale ‘soeptas’, een halloweentasje met een skelet erop, waarin precies twee emmertjes naast elkaar passen, zodat ik de buit zonder klotsen kan vervoeren.  Als ik Atie tegenkom, vraagt ze of ik ook eens ’s middags soep kom eten. ‘Daarna kun je meedoen met het koortje bij Olga, want dat zingt aansluitend.’ Ik leg haar uit dat ik overdag in mijn kast schrijf en ‘uit mijn verhaal raak’ als ik me tussen de mensen begeef, maar ik beloof dat ik een keer kom.

Atie en Lina zetten alvast stapels soepkommen neer en een bak met lepels. Ze roeren in een enorme pan. De Biobar is nog leeg, maar binnen een kwartier is het druk. Ik zie bekenden en onbekenden. Naast me schuift Kees aan, hij werkt bij de technische dienst. We moeten altijd lachen als we elkaar zien. Kees heb ik leren kennen toen ik net antileegstand woonde in de stad en eens ontredderd naar het hoofdkantoor belde omdat er vlammen uit het plafond kwamen als ik het licht aandeed. Kees kwam kijken, hij stelde me gerust. Ik had bij het ophangen van de lamp alleen maar een schroef door de elektriciteitskabel gedraaid.

Na de soep helpt een aantal mensen met afwassen. Sommigen blijven om daarna te zingen. Olga is pianolerares. Door omstandigheden heeft ze zelf geen piano meer en daarom oefent het koortje in de ruimte naast de Biobar. Inmiddels klinkt er een hoop herrie. Twee mannen zijn het verlaagde plafond en een verouderd ventilatiesysteem aan het wegslopen. ‘We gaan er een coole feestruimte van maken,’ zeggen ze voor ze een haakse slijper in de enorme buis zetten en er vuurwerk opspat. De piano in de hoek ondergaat de veranderingen stoïcijns. Olga komt binnen en vraagt of er misschien nog ergens anders een piano staat. En ja, in vleugel C, op de gang, weet iemand een piano die is achtergebleven na een verhuizing. We gaan naar vleugel C en stellen ons op in een kring. We zingen Engelse liedjes die ik niet ken, maar dat geeft niet. ‘Gewoon doorzingen,’ zegt Olga. We stampen ritmes en zingen op de maat, maken klanken als we aan een bepaald woord denken en reageren op elkaar met onze stemmen. We zingen eerste en tweede stem. Het galmt in het trappenhuis. Er is een moment dat ik bijna moet huilen, waarom weet ik niet, misschien omdat we dit samen doen en het zo mooi klinkt.

Bij navraag blijkt de piano van Elvis te zijn, de man bij wie ik pasgeleden karaoke heb gezongen in het café. ‘Heb je nog plannen met de piano die je hebt laten staan? Een pianolerares zonder piano is als een stroopwafel zonder stroop,’ schrijf ik hem na de zangles.
‘Veel plezier ermee,’ laat Elvis weten vanuit Rotterdam, waar hij tijdelijk in de bouw werkt. Hij heeft een smiley toegevoegd.

Ik stuur Olga een berichtje dat ze de piano mag hebben. Ze reageert ook met een smiley. Tevreden sluit ik me weer op in mijn schrijfkast met een grote ‘smile’. Zomaar een maandagmiddag in De Biotoop. Vanavond haal ik mijn bestelling op en heb ik het lekker makkelijk met koken.

 

Schrijfster Sabine van den Berg leeft met haar gezin in de grootste kunstenaarsgemeenschap van Noord-Nederland: De Biotoop te Haren. In het voormalige Biologisch Centrum van de RUG wonen en werken meer dan 300 mensen.

Zien Horen Zwijgen, de trilogie van Sabine van den Berg, werd genomineerd voor Het beste Groninger boek.

Eerdere afleveringen van De Biotoopfeuilleton staan op www.Sabinevandenberg.com.

Tekst & illustratie: Sabine van den Berg


Gepost in: proza op 2018-03-30

Door Sabine van den Berg

Sabine van den Berg (1969) volgde de opleiding Reclametekenen in Amsterdam, studeerde tekenen en beeldhouwen aan de Kunstacademie te Rotterdam, en proza aan schrijversvakschool ’t Colofon in Amsterdam. In 2000 verscheen haar eerste roman De naam van mijn vader, gevolgd in 2002 door De lachende derde. In 2013 verscheen Wissel en in 2016 Dingen die niet mogen


Ook van Sabine van den Berg

Berichten uit de Biotoop. Dozen

Schrijfster Sabine van den Berg leeft met haar gezin in de grootste kunstenaarsgemeenschap van Noord-Nederland: De Biotoop te Haren. In het voormalige Biologisch Centrum van de RUG wonen en werken meer dan 300 mensen. 


Een hondenleven

Schrijfster Sabine van den Berg leeft met haar gezin in de grootste kunstenaarsgemeenschap van Noord-Nederland: De Biotoop te Haren. In het voormalige Biologisch Centrum van de RUG wonen en werken meer dan 300 mensen.




recente posts