Wij Beatrijs

Wij Beatrijs

Claudia de Breij

Ik was een kleine twee maanden zwanger en merkte het aan alles, behalve aan mijn humeur. Natuurlijk, ik was moe, en misselijk, en mijn tieten jeukten er zowat af, maar qua stemming bleef ik redelijk gelijkmatig.

Dacht ik.

Tot ik in de artiestenfoyer van de Schouwburg in Enschede tijdens de pauze het onzalige idee had om door een oud damesblad te bladeren en bleef steken bij een interview met de godmother aller verloskundigen: Beatrijs Smulders. Het publiek van die avond mag Beatrijs wel dankbaar zijn; ik heb nog nooit zo’n heerlijk agressieve tweede helft gespeeld.

Sommige van die Beatrijs-quotes heb ik overgeschreven, en dat briefje draag ik altijd bij me. Als ik iets zwaars moet verplaatsen of het deksel niet van de jampot krijg, helpt het enorm.

Neem nou:

Moederschap is het belangrijkste dat er is. Carriére maken kun je niet eens op dezelfde schaal leggen. Een baby wordt onrijp geboren en hoort het eerste jaar in de buurt van de moeder of vervangmoeder te zijn, niet op een créche.

Daarom ijvert Beatrijs voor een ‘babysabbatical’. Vrouwen zouden een jaar lang bij hun kind moeten zijn. Let wel: vrouwen. Niet: ouders. Want

veiligheid wordt gecreëerd op lichamelijk niveau, via het vertrouwde lichaam van de moeder. De vader staat daar weer omheen met grote armen, die stelt de moeder in staat om veiligheid te geven.

Mijn god! Als vader daar maar aan toekomt, met zijn grote armen, want die moet ook al op zondag het vlees snijden!

Het eerste jaar moet je gewoon zo veel mogelijk in de buurt zijn en thuisblijven.
Mensen die daar echt niet voor in de wieg zijn gelegd, kunnen een vervangmoeder regelen. Vaders hebben zeker een belangrijke rol, maar dat eerste jaar komt het toch op de moeder aan.

Op dit punt heb ik inmiddels twee televisies versjouwd, vijftig vacuüm getrokken potten augurken open gekregen en met mijn tanden een vrachtwagen naar het einde van de straat gesleept. Maar als er nou echt iets dwarszit, je weet wel, dat je misselijk bent en voelt: ik moet overgeven maar het lukt niet, dan lees ik deze passage ook nog even:

Ik kom er steeds meer achter dat er een vrouwelijke kracht is en een mannelijke kracht. Vrouwen hebben ook die mannelijke kracht in zich, maar op hun vrouwelijke kracht zijn ze het sterkst. Met hun mannelijke kracht moeten ze vechten en daarmee kunnen ze een heel eind komen – ik heb het aan mezelf gezien – maar het is zwoegen geblazen. En het resultaat is minder mooi dan als ik ontspan en met mijn aandacht in mijn onderbuik zak, als het ware. Dan kan ik bergen verzetten, moeiteloos. Zwanger zijn en bevallen komt uit diezelfde krachtbron. De moeder moet er zijn voor het kind, en de vader moet er zijn voor de moeder.

AAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAA AAAAAAAAAAAAAAAAHHHHH!

En nu kan ik me voorstellen dat je je afvraagt: ‘Maar Claudia, waarom maak je je hier zo druk om? Beatrijs Smulders is toch ook gewoon maar een mens, met ook gewoon maar een mening?’

Maar dat is ze niet! Beatrijs Smulders is een zeer gezaghebbende vrouw in Nederland, iemand die vooraan in de kaartenbak staat van iedere luie redacteur die een programma-itempje moet vullen met zwangerschaps- en bevallingsgeneuzel en die er zo’n beetje single-handedly voor verantwoordelijk is dat wij in Nederland thuis, met waxinelichtjes en zonder ruggenprik bevallen. Die vrouw heeft autoriteit. En als die vrouw zegt: ‘Vrouwen moeten een jaar thuisblijven’, en het kabinet (met een minister van Jeugd en Gezin van streng christelijke signatuur) daarover adviseert, dan hou ik mijn hart vast. Straks moet ik een jaar thuiszitten, van Beatrijs. Terwijl dat helemaal niet leuk is: voor mij niet, voor mijn kind niet, voor niemand niet. Blijf van mijn werk af, Beatrijs.

Om nog maar te zwijgen over al die vaders die het eerste jaar geen enkele kans maken iets van een band met hun kinderen op te bouwen omdat moeders er als een roofdier op moeten zitten van Beatrijs (‘We zijn een soort kangoeroes, pas als de baby zijn eerste stapjes doet, kan hij zich losmaken’). En hoe ga je dat ooit rechttrekken, na dat eerste jaar? Zeg je na het uitblazen van het eerste kaarsje op de taart: ‘Zo schat, hier is je kind, misschien heb je het weleens gezien, het was dat ding dat aan mijn borst hing, weet je wel. Als jij nou eens parttime ging werken, dan ga ik nu weer naar mijn baas, want die zal na dit jaar wel ontzettend blij zijn dat ik weer terug wil komen, wat jij?’

Beatrijs, get real. Ik geloof ook dat het fijn is als een kind veel bij z’n ouders is. Het liefst altijd. Maar er zijn er twee. En het feit dat ik een vrouw ben, met een onderbuik en met borsten, betekent niet dat ik mijn hersens en mijn handen niet mag gebruiken. Gek.

Zo fulmineerde ik die avond aan tafel in de artiestenfoyer, schuimbekkend over dat Beatrijs Smulders een vloek voor de emancipatie van vrouwen was, en godverhierendaar, toen een huistechnicus aan de mijne vroeg: ‘Hormonen?’
‘Nee hoor,’ zei Frankie, ‘zo is ze altijd.’
En dat is ook zo.

 

Claudia de Breij (1975) is cabaretier en schrijver. Ze maakte tot nu toe zeven succesvolle theatervoorstellingen, waarvan Hete Vrede de Poelifinario ontving. Daarnaast is ze columniste van de VARA Gids. Ze debuteerde als schrijver met de zwangerschapsbijbel Krijg nou tieten! (ruim 50.000 exemplaren verkocht), waaruit "Wij Beatrijs" een fragment is. Haar tweede boek, Neem een geit, behaalde de magische grens van 100.000 verkochte exemplaren. Onlangs verscheen haar nieuwe album, Alles is goed.


Gepost in: current affairs op 2016-06-22

Door Claudia de Breij

recente posts

Gepost op: 2018-07-20 in: faits divers
Gepost op: 2018-07-19 in: faits divers