Pop en literatuur (59): Cream en Homerus

Pop en literatuur (59): Cream en Homerus

Cor de Jong

Elke dinsdag zoekt Cor de Jong de connectie tussen pop en literatuur. Deze week deel 59: Cream en Homerus.

Cor's Pop & Literatuurlijst op Spotify:


 

Vandaag betreden we de kraamkamer van het wah-wah-pedaal. Hoewel gitaristen al jaren eerder experimenteerden met het creëren van (vergelijkbare) speciale geluidseffecten, wordt de uitvinding van het pedaal in zijn huidige vorm gedateerd op 1966. Eric Clapton was de eerste die het inzette tijdens de opnames voor het album Disraeli Gears (1967) van het supertrio Cream waar hij van 1966 tot 1968 deel van uitmaakte. Het resultaat, ‘Tales of Brave Ulysses’, is daarmee een belangwekkend stukje muziekgeschiedenis. In zijn Cream-periode zou Clapton veelvuldig gebruik blijven maken van het pedaal, onder andere op het welbekende ‘White Room’.

Jimi Hendrix kon niet achterblijven en kwam enkele maanden na ‘Tales of Brave Ulysses’ met ‘Burning of the Midnight Lamp’, waarop ook hij gebruik maakte van een wah-wah-pedaal. Ook in het nummer ‘Voodoo Child’ zette hij het in, maar bovenal natuurlijk op het legendarische Woodstockfestival (1969), waar hij zijn legendarische interpretatie van het Amerikaanse volkslied ten beste gaf.

‘Tales of Brave Ulysses’ is echter niet alleen een muzikale innovatie van de eerste categorie, het is bovendien een poëtisch nummer. De tekst is niet afkomstig van een van de bandleden, maar van Martin Sharp, een bevriend artiest, die ook de hoes van het album Disraeli Gears ontwierp, een hoogtepuntje van psychedelische kunst:
 


Afbeelding: Flickr

Uiteraard verwijst de titel van het nummer naar de avonturen van Odysseus (Ulysses is de Latijnse variant van zijn naam), zoals verhaald in de Odyssee van Homerus.
 

Cream – Tales of Brave Ulysses

 

 

You thought the leaden winter would bring you down forever

But you rode upon a steamer to the violence of the sun

And the colours of the sea bind your eyes with trembling mermaids

And you touch the distant beaches with tales of brave Ulysses

How his naked ears were tortured by the sirens sweetly singing

For the sparkling waves are calling you to kiss their white laced lips

 

And you see a girl's brown body dancing through the turquoise

And her footprints make you follow where the sky loves the sea

And when your fingers find her, she drowns you in her body

Carving deep blue ripples in the tissues of your mind

 

The tiny purple fishes run laughing through your fingers

And you want to take her with you to the hard land of the winter

 

Her name is Aphrodite and she rides a crimson shell

And you know you cannot leave her for you touched the distant sands

With tales of brave Ulysses, how his naked ears were tortured

By the sirens sweetly singing

 

The tiny purple fishes run laughing through your fingers

And you want to take her with you to the hard land of the winter

 

 

Clapton werkte aan een nummer, geïnspireerd op ‘Summer in the City’ van The Lovin’ Spoonful, rond dezelfde tijd dat Sharp werkte aan zijn gedicht over de verhalen van Odysseus. Zo ontstond het plan om het gedicht als tekst te gebruiken voor het nummer. Het nummer staat in zijn geheel in de tweede persoon enkelvoud. Dat is een niet zo vaak gebruikte vorm en dat roept ook meteen de vraag op wie de ‘jij’ is. Spreekt degene die hier aan het woord is tot zichzelf, tot de luisteraar of tot een andere persoon?

Waar ‘Summer in the City’ een snikhete stad in de zomer beschrijft, waar geen schaduw te vinden is, is in dit nummer de winter ingevallen en de ‘you’ ontvlucht die door naar de zon te reizen, op een ‘steamer’. Zo bezien is het nummer de beschrijving van een vakantietripje. Of gaat het om een heel ander soort tripje? Is de ‘steamer’ hier een boot? Of een andersoortig ‘transportmiddel’? De reis wordt vervolgens vergeleken met de Odyssee.

Die vergelijking spitst zich toe op het hoofdstuk over de Sirenen. Sirenen waren mythologische wezens die met hun prachtige gezang zeelieden het hoofd op hol wisten te brengen, waardoor ze pardoes overboord sprongen of hun schip te pletter lieten lopen. De listige Odysseus wist dit gevaar te omzeilen door zijn bemanning op te dragen was in hun oren te stoppen, zodat ze niet konden bezwijken voor de lokroep van de Sirenen. Zelf liet hij zich vastbinden aan de mast van zijn schip, zodat hij het gezang kon horen zonder dat het hem fataal zou worden.
 


Hoewel er verschillende ideeën bestaan over het uiterlijk van Sirenen, worden ze over het algemeen voorgesteld als als wezens met het lichaam van een vogel en het hoofd van een vrouw. In hetzelfde couplet worden echter ook zeemeerminnen genoemd, eveneens fictieve wezens, maar dan met het bovenlichaam van een vrouw en de staart van een vis. Ook zeemeerminnen worden vaak in verband gebracht met het verleiden van zeelui met alle rampzalige gevolgen van dien: ‘For the sparkling waves are calling you to kiss their white laced lips’.
 


Homerus gebruikt in de Odyssee verschillende epitheta voor Odysseus. De ene keer is hij ‘schrander’, de andere keer ‘wijs’ of ‘listig’; vaak hebben de toevoegingen die Homerus kiest betrekking op Odysseus’ verstandelijke vermogens. Dapper (‘brave’) is hij zeker ook, maar die eigenschap wordt door Homerus over het algemeen juist niet zo vaak benadrukt. En in de context van de list waarmee hij de Sirenen omzeilt is het ook wel een wat merkwaardig gekozen kwalificatie. Die list getuigt namelijk niet zozeer van heldhaftigheid, als wel van geslepenheid én de wens om verleid te worden zonder aan die verleidingen toe te (kunnen) geven.

De ‘you’ die in het nummer opgevoerd wordt, bezwijkt echter wél aan de verleidingen: ‘And you see a girl's brown body dancing through the turquoise/ And her footprints make you follow where the sky loves the sea/ And when your fingers find her, she drowns you in her body’. Is hier sprake van een fatale afloop? Of is deze zelfgekozen verdrinkingsdood helemaal niet zo tragisch? Het lieftallige meisje in zee blijkt in het volgende couplet niemand minder dan de godin Aphrodite zelf te zijn en de ‘you’ wil haar meenemen naar huis, ‘the hard land of winter’.

De Odyssee is een thuisreis. Eentje met veel omzwervingen en ontberingen weliswaar, maar niettemin: een thuisreis. Na twintig jaar keert Odysseus terug bij zijn vrouw en heeft hij een hoop te vertellen: over de verleidingen die hij heeft weerstaan en over zijn dapperheid; ‘tales of the brave Ulysses’. De ‘you’ in het nummer dompelt zich onder in verleidingen en geneugten des levens en hij hoopt terug te keren met een vrouw aan zijn zijde. Maar of dat ook lukt…


Gepost in: faits divers op 2019-05-07

Door Cor de Jong

Cor de Jong (1978) is schrijver, leraar Nederlands en studiebegeleider bij de jeugdopleiding van Sparta Rotterdam. Hij publiceerde al meerdere korte verhalen. De aanname is zijn debuutroman.


Ook van Cor de Jong

Pop en literatuur (79): Of Montreal en Edward Albee

Iedere week bespreekt Cor de Jong de relatie tussen pop en literatuur. Deze week deel 79 met Of Montreal, George Bataille en Edward Albee.    


Pop en literatuur (78): Ovidius en Patricia Barber 

Iedere week bespreekt Cor de Jong de relatie tussen pop en literatuur. Deze week deel 78 met Ovidius en Patricia Barber. 




recente posts

De pont

De pont

Timo Bruijns
Gepost op: 2019-11-08 in: proza
Een bos bloemen

Een bos bloemen

Jonah Falke
Gepost op: 2019-11-07 in: proza