Pop en literatuur (41): Noisettes en Harper Lee

Pop en literatuur (41): Noisettes en Harper Lee

Cor de Jong

Elke dinsdag zoekt Cor de Jong de connectie tussen Pop & Literatuur. Deze week: Noisettes en Harper Lee.

 

To Kill a Mockingbird (1960) is niet alleen een klassieker, het boek had ook jarenlang een bijzondere status omdat het boek het enige was wat Harper Lee publiceerde. Pas in 2015 kwam er een vervolg in de vorm van Go Set a Watchman, een roman die ze eigenlijk eerder schreef (in 1957), maar die later speelt dan To Kill a Mockingbird.

 

De Britse band The Boo Radleys is vernoemd naar een van de personages, de kluizenaar Arthur ‘Boo’ Radley. Toch heeft de muziek van de band maar weinig van doen met de roman van Harper Lee. Relevanter is het nummer ‘Atticus’ van Noisettes. Hierin staat een ander personage uit het boek centraal, Atticus Finch.

Noisettes – Atticus

 

To kill a mockingbird
Is to silence the song
That seduces you
Why?
'Cause you need that desire in your heart to survive
And you need that burning fire in your soul to know
You're still alive
To catch me when I fall
Or did I dive at your delight?

In my heart I can fly
And I cannot disguise my love
There is no time
And I wouldn't know how
Constellations tonight
are so fiercesomely bright, my love
I have no fear
I am Atticus now

Remember what I lost like hot coals in my hand from days gone by
Like Pandora adored the euphoria as her heart raced
Like love lost you've got to try even in vain
Feels like you'll go insane
But you're the hardest instrument that I've ever had to play

In my heart I can fly
And I cannot disguise my love
There is no time
And I wouldn't know how to
Constellations tonight
Are so fiercesomely bright, my love
I have no fear
I am Atticus now

So why don't we fall into the waves?
Can't you see how my heart yearns to misbehave?

In my heart I can fly
And I cannot disguise my love
There is no time to
And I wouldn't know how
Constellations tonight
Are so fiercesomely bright, my love
I have no fear left

'Cause I am Atticus now
So why don't we fall into the waves?
Can't you see how my heart yearns to misbehave?

Harper Lee – To Kill a Mockingbird

 

When he gave us air-rifles Atticus wouldn’t teach us to shoot. Uncle Jack instructed us in the rudiments thereof; he said Atticus wasn’t interested in guns. Atticus said to Jem one day, ‘I’d rather you shot at tin cans in the back yard, but I know you’ll go after birds. Shoot all the bluejays you want, if you can hit ‘em, but remember it’s a sin to kill a mockingbird.

   That was the only time I ever heard Atticus say it was a sin to do something, and I asked Miss Maudie about it.

   ‘Your father’s right,’ she said. ‘Mockingbirds don’t do one thing but make music for us to enjoy. They don’t eat up people’s gardens, don’t nest in corncribs, they don’t do one thing but sing their hearts out for us. That’s why it’s a sin to kill a mockingbird.’

In het boek speelt de mockingbird (de spotlijster) vooral een symbolische rol. De mockingbird staat voor onschuld, zoals in de bovenstaande passage duidelijk wordt. Iets onschuldigs vermoorden is een zonde, houdt Atticus zijn kinderen hier voor. De vertelster (Jean Louise, bijgenaamd Scout) gaat vervolgens bij Miss Maudie te rade die het uitlegt.

 

'Mockingbirds don’t do one thing but make music for us to enjoy'

 

Het is een uitleg die maar half bevredigt. Hoewel Atticus liever heeft dat zijn kinderen op blikjes schieten, vindt hij het jagen op de ene vogel anders dan op de andere vogel. Het is een wat merkwaardige uitspraak voor iemand die advocaat is en het recht moet (helpen) handhaven.

 

Deze passage krijgt betekenis in relatie tot de plot van de roman, waarin Atticus optreedt als advocaat voor een zwarte man, Tom Robinson, die verdacht wordt van verkrachting. Hij doet dit bovendien met verve, zeer tegen de zin van de plaatselijke bevolking, die Robinson veroordeeld wil zien en hem zelfs wil lynchen. Bij de rechtszaak houdt Atticus een overtuigend pleidooi, waarin hij genadeloos laat zien dat de beschuldiging onjuist is en berust op een leugen. Niettemin wordt Robinson veroordeeld.

 

De aanklager, Bob Ewell, voelt zich echter vernederd door de rechtszaak en wil wraak nemen op Atticus. Dat doet hij door diens kinderen aan te vallen als ze laat op de avond van school naar huis lopen. Scout en haar broer Jem krijgen dan hulp uit onverwachte hoek: de zonderlinge Boo Radley helpt hen en Bob Ewell wordt neergestoken. Dankzij de duisternis blijft de exacte toedracht onduidelijk. De sheriff en Atticus bespreken wat onder de gegeven omstandigheden het beste is. De sheriff besluit dat het voor alle partijen het beste is om het er maar op te houden dat Ewell in zijn eigen mes gevallen is.

 

'Het doet, merkwaardig genoeg, wat denken aan Amerikaanse superheldenstrips, zoals Batman'

 

Atticus is zonder meer de held van het verhaal. Hij is dapper, durft tegen de stroom in te roeien. In het verhaal schaart hij zich aan de zijde van het recht, is hij van mening dat Robinson recht heeft op een eerlijk proces en een advocaat die voor zijn rechten opkomt. Hij is dan ook diep teleurgesteld in de uitspraak van de jury. Toch is hij tegelijkertijd ook weer een pragmaticus als Ewell aan zijn einde komt. Het doet, merkwaardig genoeg, wat denken aan Amerikaanse superheldenstrips, zoals Batman: de held die tegelijkertijd outlaw is en die er tijdens nachtelijke tochten in slaagt het recht te doen zegevieren waar het bij daglicht soms op pijnlijke wijze faalt.

 

Noisettes sluit aan bij de heldenstatus van Atticus en neemt hem dan ook als metafoor voor dapperheid. De mockingbird krijgt hier echter een andere rol. Over het vermoorden van de mockingbird wordt niet in morele termen gesproken. Het is geen zonde, maar je legt zijn lied het zwijgen op, het lied dat je verleid heeft. Het lijkt hier eerder te gaan om liefde die het zwijgen opgelegd wordt.

 

'Over het vermoorden van de mockingbird wordt door de Noisettes niet in morele termen gesproken'

 

In het refrein is het de ‘ik’ die vliegt en zich daarmee met een mockingbird lijkt te identificeren. Ze is verliefd en kan haar liefde niet verbergen. Ze kan en wil die liefde ook niet het zwijgen opleggen: ‘Like love lost you’ve got to try even in vain.’ Dat is ook een vorm van dapperheid. Van een heel andere aard dan die van Atticus weliswaar. Maar net als hij roeit ze tegen de stroom in, zonder angst.

 


Gepost in: faits divers op 2018-12-11

Door Cor de Jong

Cor de Jong (1978) is schrijver, leraar Nederlands en studiebegeleider bij de jeugdopleiding van Sparta Rotterdam. Hij publiceerde al meerdere korte verhalen. De aanname is zijn debuutroman.


Ook van Cor de Jong

Pop en literatuur (72): Sufjan Stevens en Flannery O’Connor

Iedere week bespreekt Cor de Jong de relatie tussen pop en literatuur. Deze week deel 72 met Feargal Sharkey, Flannery O’Connor, Bessie Smith en Sufjan Stevens. 


Pop en literatuur (71): The Doors en Aldous Huxley

Iedere dinsdag zoekt Cor de Jong de connectie tussen pop en literatuur. Deze week deel (71): The Doors en Aldous Huxley.




recente posts