Pop en Literatuur (53): Iron Maiden en Samuel Taylor Coleridge

Pop en Literatuur (53): Iron Maiden en Samuel Taylor Coleridge

Cor de Jong

Elke dinsdag zoekt Cor de Jong de connectie tussen pop en literatuur. Deze week deel 53: Iron Maiden en Samuel Taylor Coleridge.

Cor's Pop & Literatuurlijst op Spotify:


 

De heavy metal van Iron Maiden is op het eerste gezicht (en gehoor) niet heel subtiel. De rollende drums en meerstemmige gitaarsolo’s, de knerpende zangpartijen, de schreeuwerige albumhoezen met doodshoofden en occulte symbolen en zelfs de naam (de ijzeren maagd is een martelwerktuig) roepen nou niet meteen de associatie op met, laten we zeggen, filosofie of poëzie.

Toch verwijzen de heren graag naar de geschiedenis (‘Passchendale’ over de Slag bij Passendale, 'The Longest Day' over de invasie in Normandië), klassieke mythologie ('The Flight of Icarus') en uiteenlopende literatuur. Zo maakte Iron Maiden een concept-album, Seventh son of a seventh son, gebaseerd op de science-fiction roman Seventh Son van Orson Scott Card. Het nummer ‘Murders in the Rue Morgue’ gaat over het gelijknamige verhaal van Edgar Allan Poe. ‘Sign of the Cross’ gaat terug op de roman De naam van de roos van Umberto Eco en ‘The Trooper’ beschrijft  de charge van de Lichte Brigade tijdens de Krimoorlog, die beschreven wordt in het beroemde gedicht van Alfred Lord Tennyson.

Genoeg allusies voor de luisteraar om zich op te storten, maar vandaag wil ik me beperken tot het nummer ‘The Rime of the Ancient Mariner’. Het is een hervertelling van het gelijknamige lange gedicht van Samuel Taylor Coleridge.
 

Iron Maiden – Rime of the Ancient Mariner

 

Hear the rime of the Ancient Mariner

See his eye as he stops one of three

Mesmerises one of the wedding guests

Stay here and listen to the nightmares

of the Sea

 

And the music plays on, as the bride passes by

Caught by his spell and

the Mariner tells his tale.

 

Driven south to the land of the snow and ice

To a place where nobody's been

Through the snow fog flies on the albatross

Hailed in God's name,

hoping good luck it brings.

 

And the ship sails on, back to the North

Through the fog and ice and

the albatross follows on

 

The mariner kills the bird of good omen

His shipmates cry against what he's done

But when the fog clears, they justify him

And make themselves a part of the crime.

 

Sailing on and on and North across the sea

Sailing on and on and North 'till all is calm

 

The albatross begins with its vengeance

A terrible curse a thirst has begun

His shipmates blame bad luck on the Mariner

About his neck, the dead bird is hung.

 

And the curse goes on and on and on at sea

And the thirst goes on and on for them and me

 

"Day after day, day after day,

we stuck nor breath nor motion

As idle as a painted ship upon a painted ocean

Water, water everywhere and

all the boards did shrink

Water, water everywhere nor any drop to drink."

 

There, calls the mariner

there comes a ship over the line

But how can she sail with no wind

in her sails and no tide.

 

See... onward she comes

Onwards she nears, out of the sun

See... she has no crew

She has no life, wait but there's two

 

Death and she Life in Death,

they throw their dice for the crew

She wins the Mariner and he belongs to her now.

Then ... crew one by one

They drop down dead, two hundred men

She... She, Life in Death.

She lets him live, her chosen one.

 

"One after one by the star dogged moon,

too quick for groan or sigh

Each turned his face with a ghastly pang

and cursed me with his eye

Four times fifty living men

(and I heard nor sigh nor groan),

With heavy thump, a lifeless lump,

they dropped down one by one."

 

The curse it lives on in their eyes

The Mariner he wished he'd die

Along with the sea creatures

But they lived on, so did he.

 

And by the light of the moon

He prays for their beauty not doom

With heart he blesses them

God's creatures all of them too.

 

Then the spell starts to break

The albatross falls from his neck

Sinks down like lead into the Sea

Then down in falls comes the rain.

 

Hear the groans of the long dead seamen

See them stir and they start to rise

Bodies lifted by good spirits

None of them speak

and they're lifeless in their eyes

 

And revenge is still sought, penance starts again

Cast into a trance and the nightmare carries on.

 

Now the curse is finally lifted

And the Mariner sights his home

Spirits go from the long dead bodies

Form their own light and

the Mariner's left alone

 

And then a boat came sailing towards him

It was a joy he could not believe

The Pilot's boat, his son and the hermit

Penance of life will fall onto Him.

 

And the ship it sinks like lead into the sea

And the hermit shrives the mariner of his sins

 

The Mariner's bound to tell of his story

To tell his tale wherever he goes

To teach God's word by his own example

That we must love all things that God made.

 

And the wedding guest's a sad and wiser man

And the tale goes on and on and on.

 


Het begin van het nummer slaat op de eerste strofe van Coleridges beroemde gedicht:

It is an ancient Mariner,
And he stoppeth one of three.
'By thy long grey beard and glittering eye,
Now wherefore stopp'st thou me?’

De oude zeeman houdt een man aan die op weg is naar een huwelijksfeest om aan hem zijn verhaal te vertellen. Die is in eerste instantie niet gediend van de opdringerige zonderling, maar raakt toch geïntrigeerd, mede door de blik in de ogen van de zeeman.

De zeeman vertelt zijn verhaal, over hoe hij op een schip voer dat door een storm uit koers raakt en in een dikke mist tussen ijsmassa’s belandt. Door de hulp van een albatros lukt het om het schip uit de gevaarlijke wateren te manoeuvreren. De vogel wordt geprezen, maar de zeeman schiet haar – zonder duidelijke aanleiding – dood. De bemanning van het schip is woedend op de man, maar als de mist daarna optrekt en het weer aanzienlijk verbetert, slaat ook hun stemming om:

'Twas right, said they, such birds to slay,
That bring the fog and mist.

Maar het betere weer brengt ook windstilte, droogte en dus… dorst. In de onsterfelijke woorden van Colerdige (geciteerd in het nummer):

Water, water, every where,
And all the boards did shrink;
Water, water, every where,
Nor any drop to drink.

Het lijkt erop dat de albatros wraak neemt. De stemming van de bemanning slaat opnieuw om en de ‘ancient mariner’ krijgt het lijk van de albatros voor straf om zijn nek gehangen, als een soort boetedoening.

Dan ontmoet het schip een spookschip, met aan boord de Dood en de ‘Night-mare Life-in-Death’, een bleke jongedame, die dobbelen om de levens van de bemanning. De Dood wint de levens van de rest van de bemanning, Life-in-Death wint het leven van de ancient mariner. Dat wordt dan ook hun lot: een voor een sterven de andere bemanningsleden en de oude zeeman wil ook dood, maar hij moet verder, de wereld omzwerven om zijn verhaal te vertellen. Er volgt nog wel een soort verlossing: als hij plotseling de schoonheid van de zeedieren ervaart en er in slaagt te bidden valt de albatros van zijn nek en zinkt weg in de zee.

Uiteindelijk bereikt de zeeman land en daar trekt hij verder, om mensen zijn verhaal te vertellen. Hij herkent de mensen die hij zijn verhaal moet vertellen zodra hij ze ziet. De bruiloftsgast aan wie hij zijn verhaal vertelt, is er een van:

Farewell, farewell! but this I tell
To thee, thou Wedding-Guest!
He prayeth well, who loveth well
Both man and bird and beast.

He prayeth best, who loveth best
All things both great and small;
For the dear God who loveth us,
He made and loveth all.

Met die woorden, die de moraal van het verhaal lijken te belichamen, besluit de oude zeeman zijn verhaal en hij laat de bruiloftsgast achter. Die heeft geen behoefte meer aan het feest en keert huiswaarts:

He went like one that hath been stunned,
And is of sense forlorn:
A sadder and a wiser man,
He rose the morrow morn.

In het nummer wordt deze zin vrijwel letterlijk herhaald, al wordt er nog één ding aan toegevoegd: ‘And the tale goes on and on and on’. Dat verwijst natuurlijk naar de zeeman, die zijn weg vervolgt en mensen zijn verhaal zal blijven vertellen, maar het is ook van toepassing op het gedicht als zodanig, dat ook vandaag de dag nog inspireert. Niet alleen Iron Maiden liet zich door ‘The Rime of the Ancient Mariner’ beïnvloeden. Ook de jongens van Monthy Python konden wel wat met het gegeven van een man met een albatros om zijn nek, blijkens deze sketch, die ze opvoerden in The Hollywood Bowl:


Gepost in: faits divers op 2019-03-19

Door Cor de Jong

Cor de Jong (1978) is schrijver, leraar Nederlands en studiebegeleider bij de jeugdopleiding van Sparta Rotterdam. Hij publiceerde al meerdere korte verhalen. De aanname is zijn debuutroman.


Ook van Cor de Jong

Pop en literatuur (79): Of Montreal en Edward Albee

Iedere week bespreekt Cor de Jong de relatie tussen pop en literatuur. Deze week deel 79 met Of Montreal, George Bataille en Edward Albee.    


Pop en literatuur (78): Ovidius en Patricia Barber 

Iedere week bespreekt Cor de Jong de relatie tussen pop en literatuur. Deze week deel 78 met Ovidius en Patricia Barber. 




recente posts

Autoriteiten

Autoriteiten

Jonah Falke
Gepost op: 2019-11-14 in: proza
De pont

De pont

Timo Bruijns
Gepost op: 2019-11-08 in: proza