Een even uitvoerig verslag

Een even uitvoerig verslag

Joost Vandecasteele

‘In het jaar 2017 werd er beslist om terug schaamte en vernedering in te voeren als een juridisch afdwingbare straf. Deze maatregel kwam er nadat meer en meer criminelen erger en erger buiten kwamen na een opsluiting in de gevangenis en financiële boetes voor verkeersovertredingen steeds vaker geïnterpreteerd werden als “Zolang je betaalt, mag het”. 

Banken boden zelfs speciale formules aan met maandelijks automatische overschrijvingen naar de staat en zonden reclamespots uit met de slagzin “we snappen het wel, een heer in het verkeer zijn klinkt ook wat verwijfd”. Maar de vraag rees snel: hoe kon men de juiste dosis vernedering toepassen en de juiste gehalte schaamte veroorzaken voor elk specifiek misdrijf en fout gedrag? De zoektocht hiernaar en diens gevolgen zijn het onderwerp van dit verslag. Alles wat u lezen zal, is echt gebeurd. Of toch ongeveer. Ik was er niet bij.’

Als deskundigen in het ongegeneerd beschamen van de medemens werden eerst enkele luidruchtige mannen uit de islamitische gemeenschap opgetrommeld en uitgenodigd bij de minister van Binnenlandse Zaken. Echter de helft kwam niet opdagen want de ene weigerde in dezelfde kamer te zitten als de andere omdat de andere volgens de ene net niet gelovig genoeg of iets te gelovig of fout gelovig of gewoon een eikel was. Met als gevolg dat zowel de ene als de andere gewoon thuis bleef om zich daar dan moreel superieur te voelen en tot vervelens toe bevestigd te willen horen door zijn vrouw.

Met de weinigen die wel waren opgedaagd, verliep de vergadering bij aanvang vrij stroef. Dit had te maken met een uitspraak van de minister na de aanslagen in Brussel en ook deze keer moest hij verklaren wat hij precies bedoelde toen hij zei dat een significant deel van de moslims aan het dansen was op 22 maart. Maar de man had zijn medewerkers vooraf gevraagd iets voor te bereiden. Zo kwam er een professor Linguïstiek eerst uitleggen wat het woord “significant” nog allemaal kon betekenen etymologisch gezien en werd daarna een powerpoint getoond met enkele tweets waarbij de aanslagen toegejuicht werden en de dode slachtoffers als terecht bestempeld werden. Ondanks de beperking van 140 tekens eindigen de meesten van deze tweets vol doodsbedreigingen toch nog met een “vrede zij met hem”. Of dit ironisch bedoeld was, kon niemand zeggen.

‘Dus heb ik gelijk of heb ik gelijk?’, rondde de minister zijn betoog af.

‘Ja maar ja maar ja maar, die laatste tweet komt van Karim en dat is een idioot. Dat weet iedereen, dus die telt niet.’, reageerde nog één van de genodigden en liep boos weg.  Bij het verlaten van de ruimte riep hij nog “racist” naar de minister, maar dat nam  niemand van de rest ernstig aangezien hij op de trein die ochtend hetzelfde tegen de conducteur riep toen hij aangesproken werd op zijn zwartrijden.

Nadat nog vier anderen wegliepen, de laatste van hem zomaar, kon de ware reden voor deze bijeenkomst behandeld worden. Ondanks het geringe aantal aanwezigen duurde de vergadering toch tot in de vroege ochtend. Voornamelijk omdat er zo vaak werd afgeweken van het onderwerp wegens tirades over Israël of lange uitéénzettingen over legendarische bescheidenheid van de Vlaming. Als dat het uiteindelijk over het opwekken van schaamte ging, bleef de voorstellen echter vrij summier.

‘Dus, als jullie iemand willen beschamen, wat zit er allemaal in jullie arsenaal van vernederingen?’, trachtte de minister het gesprek terug op de rails te krijgen.

‘Dat hangt er vanaf.’

‘Van de misdaad bedoel je?’

‘Nee, van het geslacht.’

‘Hoezo?’

‘Wel, als een vrouw over de schreef gaat, dan noemen we haar een hoer. En dan spugen we ook even op de grond.’

‘Oké. Ik noteer “hoer” en spugen. En bij mannen, wat wordt er geroepen als een man over de schreef gaat?’, wou de minister weten.

‘Ik snap de vraag niet,’ zei een aanwezige.

‘Wel, jullie hebben een methode om vrouwen te vernederen en die klinkt vrij efficiënt, maar wat hebben jullie dan om een man tot orde te roepen?’

‘Sorry, ik snap de vraag nog altijd niet.’

En zo ging het uren door, tot iemand opperde om misschien mannen gewoon te straffen door hun moeder een hoer te noemen.

‘U bedoelt hun moeder opsporen en in haar gezicht hoer roepen?’, vroeg een aanwezige verbaasd.

‘Nee nee, tegen de man zelf zeggen dat zijn moeder een hoer is,’ antwoordde de kerel met het voorstel.

‘En hoe beledig je hiermee de man in kwestie? Want ik ken iemand wiens moeder een prostituée is en dat feit heeft hem niet weerhouden om succesvol te worden. Integendeel zelfs, hij heeft des te harder gewerkt om uit dat milieu te geraken. Dus iemand de zoon van een hoer noemen lijkt me dan een soort motivatie, hem erop duiden dat jouw afkomst jouw toekomst niet bepaalt. Toch?’, reageerde de minister op zijn beurt.

‘U snapt ons echt niet hè. Wij interpreteren nooit iets als motivatie.’

‘Dat is jammer. Een positieve ingesteldheid doet vaak wonderen.’

‘Noemt u ons negatieve luiaards of wat! Want het is moeilijk positief te blijven terwijl Israël je huis aan het bombarderen is.’

En zo geraakte weer een uur gevuld met fulmineren. Bij gebrek aan beter werd het voorstel opgenomen bij de suggesties om voor te leggen aan het parlement. De volgende dag was er een persconferentie gepland en zou de magere uitkomst van de meeting pijnlijk duidelijk worden. Geflankeerd door de enige drie overgeblevenen nam de minister het woord.

‘Na achttien uur van onderhandelingen zijn er zeker enkele vruchtbare voorstellen op tafel gelegd. Voornamelijk het woord “hoer” kwam als meest krachtige verbale bekeuring naar voren. De strafmaat zelf zou dan gekoppeld zijn aan het stemvolume bij het beledigen van de persoon in kwestie en bij de hoeveelheid spuug die voor de voeten belandt. Binnenkort willen we een lijst samenstellen waarbij de juiste decibels en juiste milliliters speeksel per grensoverschrijdend gedrag opgesomd staan. We zijn ons ook bewust dat er ook vaak op de grond gespuugd wordt wanneer er niks aan de hand is en dus eigenlijk zelf onder eikelgedrag geklasseerd kan worden.  Of zomaar spugen op de grond beantwoord moet worden met bewust spugen op de grond weten we nog niet. Want wanneer stopt het dan? Tot het speeksel op is? Of tot geen van de twee nog weet wie als eerste begon? Zoals u ziet, het is een ingewikkelde materie, spugende idioten. Er is een plan om spugende jongeren te verplichten telkens zestien zaadjes klaar te hebben in de mond om zo meer planten te verspreiden in de stad. Maar dat zou wel wegen op de begroting en lijkt ook eerder een bevoegdheid voor het departement leefmilieu Andere mogelijke pistes om te straffen worden uiteraard ook nog onderzocht en één dezer dagen wil ik zeker samenzitten met enkele katholieken. Want hun eeuwenlange expertise inzake schaamte voor het eigen lichaam is onmetelijk en zeer bruikbaar. Dank u voor uw aandacht.’

Wekenlang werd elke mogelijke deskundige gehoord en uitgevraagd, van gedragspsychologen tot de Japanse ambassadeur die voorstelde om heel teleurgesteld te kijken wanneer men geconfronteerd werd met huftergedrag. Op een maandagochtend kreeg de pers te horen dat een nieuwe persconferentie zou plaatsvinden en deze keer verscheen de minister van Binnenlandse Zaken glunderend voor de batterij micro’s.

‘Beste aanwezigen. Ik zal niet liegen. Dat ligt niet in mijn aard of in de aard van mijn partij. Welke partij wel geregeld liegt, zal ik niet zeggen. Want mijn partij doet ook niet aan vinger wijzen, in tegenstelling tot je weet wel wie. Maar bon, we hebben goed nieuws te melden. Een proefproject staat in de steigers, we gaan schaamte invoeren als straf en om kosten te drukken zal dit allemaal online gebeuren. Want dat blijft de meest doeltreffende manier.’

‘En op welke studie is dit gebaseerd?’, wou een journalist weten.

‘Uit persoonlijke ervaringen. Zoals jullie allemaal weten, is er enige tijd geleden op internet een filmpje opgedoken van hoe mijn chauffeur veel te snel reed op de openbare weg. Nogmaals, dat was zijn schuld, niet de mijne. De man zelf is daarna online tot op het bot uitgescholden en heeft zelfs zelfmoord overwogen. De staat heeft geen cent moeten uitgeven en toch werd die man efficiënt gestraft. Prachtig toch. Dank u.’

Meteen daarna werden van over heel de wereld de meest beruchte internettrollen overgevlogen en aan het werk gezet. De eerste die aangepakt werd, was de heer M uit Zelzate. Hij werd veroordeeld voor rijden onder invloed en zou normaal zijn rijbewijs moeten afgeven. Maar deze keer werd er geopteerd om hem via Facebook te vernederen. Zijn pagina vulde zich met professioneel gefotoshopte beelden van zijn hoofd bevestigd op lijven verwikkeld in gortige en gênante daden. Zijn gezicht bedekt met sperma en stront werd zijn profielfoto. De man probeerde de schade te beperken door elke valse afbeeldingen te wissen, maar ze bleven opduiken als digitaal onkruid. Sindsdien kwam de heer M nauwelijks nog het huis uit en kroop hij nooit meer achter het stuur. Een betere resultaat kon de regering niet wensen.

Sindsdien is shaming door de staat een dagelijkse praktijk geworden en de minister zag dat het goed was. Politie-eenheden werden getraind met specialisaties in slut shaming, fat shaming en mum shaming. Er kwamen kliklijnen bemand door bejaarden die allemaal roddels moesten aanhoren en noteren. Er werden websites opgericht bestemd om de ergsten onder ons te vernederen. Niemand durfde nog buiten te kwamen, bang om een wet te overtreden en voor altijd digitaal gebrandmerkt worden. De enigen die nog buiten vertoefden, waren zij die nooit op internet zaten. Maar die telden daarvoor ook niet mee. En omdat iedereen binnen bleef, spendeerde men meer tijd online en werd een goeie reputatie op het netwerk van vitaal belang, waardoor men nog minder durfde op te vallen.

Eeuwen gingen voorbij. Buiten was verworden tot een niemandsland. Donker en onmeetbaar groots. Mensen binnen hadden geen flauw idee wat er zich voorbij hun deuren en muren allemaal afspeelde. Maar het voelde wel eng. Op internetfora en op websites zocht men naar verklaringen. Sommigen zeiden dat hun voorouders ooit nog buiten zijn geweest en dat ze verhalen hebben gehoord over snelwegen waarop iedereen stil stond en caravans die men inrichtte als een kopie van thuis om dan op reis te gaan, weg van thuis. Maar niemand geloofde die verhalen. Ze klonken te weinig episch, er moest meer aan de hand zijn, er moest een reden bestaan voor hun angst om buiten te gaan.

Het duurde niet lang voor de mens zijn angst transformeerde in een overtuiging, om hun vrees te verantwoorden. Nieuwe verhalen werden verzonnen en verspreid via mail en chatboxen. Over hoe de mens voorheen moest overleven op het beetje groen voor de deur tot een digitaal opperwezen ingreep en vanuit de grond huizen deed ontkiemen.

Verhalen over hoe de mens deze huizen betraden en een internetkabel aantroffen. Over hoe ze zich konden inloggen om zijn goddelijke wijsheid te kunnen lezen vereeuwigd op al die miljarden websites. Tot op heden heeft niemand al die pagina’s al kunnen bezoeken en al deze kennis kunnen vergaren. Een profetie deed wel de ronde op Twitter, dat er ooit een kind geboren zou worden die vanaf het eerste levensjaar voor een computerscherm zou gezet worden en nooit zijn ogen zou afwenden tot deze elke website en elk filmpje bekeken heeft. Wat deze uitverkorene daarna met deze informatie zou doen, wist niemand. Men vermoedde een blog beginnen.

Verhalen over hoe deze god ooit een gezant naar de aarde stuurde. Een man die de naam “Minister van Binnenlandse Zaken” droeg en heel even over het magische land Vlaanderen regeerde. Een man die werd verketterd omwille van zijn uitspraken en zijn geloof in het slechte van de mens. Een man die de mens schaamte heeft doen herontdekken en een boodschap van totale veiligheid verkondigde.

Verhalen over hoe de buiten gezette vuilniszakken nooit opgehaald werden en eeuwig bleven staan. Deze verrotte zakken werden dan opgespoord en opengescheurd door rondtrekkende volkeren. Ze kropen erin en maakten daarna die smerige cocons weer dicht met plakband. Binnenin bleven ze soms jaren zitten, zich voedend aan weggesmeten voedsel. Tot de transformatie compleet was en de zak terug opengerukt werd. Er verschenen dan wezens die eruit zagen als mensen, maar dan gewoon iets vuiler.  

Verhalen over hoe heel de geschiedenis zich naar dit punt toewerkte, dat dit de beste versie van beschaving was, dat de mens zo hoorde te leven en iets anders proberen heiligschennis zou betekenen.

Mensen kregen kinderen en die kinderen kregen ook nog eens kinderen die allemaal een plek moesten krijgen in die huizen. Baby’s werden in kasten gestoken en groeiden daar op, kregen daar hun kinderen. Elke generatie beduidend kleiner van gestalte dan de vorige. Enzoverder, enzoverder.  

Nog meer eeuwen gingen voorbij. Na ontelbare jaren binnen strompelde de mens, nu nog nauwelijks twee centimeter groot, de deur uit, schichtig en gedreven door honger als een beestje na een winterslaap. De mens zag een wereld die zonder hem verder was geëvolueerd. Andere wezens hadden deze aarde tot hun thuis gemaakt en merkten niet eens de piepkleine mensen niet eens op. Alles was immens en onbegrijpelijk voor zij die naar buiten durfden. Maar voor de eerste keer weigerde het mensje de gemakkelijkste verklaring voor al deze nieuwe indrukken te aanvaarden. Het mensje ging voorbij de brievenbus en liep het onbekende tegemoet. Onbevreesd en schaamteloos. 

Joost Vandecasteele schreef dit verhaal voor de verhalenbundel Aan de andere oever van het verlangen (Uitgeverij P), een samenwerking tussen Arabische en Nederlandstalige auteurs via PEN Vlaanderen. In het kader van de Week van het Korte Verhaal plaatsen wij dit op ons blog.


Gepost in: proza op 2017-02-20

Door Joost Vandecasteele

Schrijver, scenarist en komiek Joost Vandecasteele (1979) gelooft heilig in de kracht van mengvormen. Zo werkt hij momenteel samen met Happy Volcano aan een literaire game en wordt zijn eerste boek, Hoe de wereld perfect functioneert zonder mij, omgevormd tot een televisiereeks door de bekroonde filmregisseur Pieter Van Hees. In 2016 verscheen de roman Jungle bij Lebowski. Bella is zijn zesde boek.


Ook van Joost Vandecasteele

Stuitend stil verzet op het zebrapad

Elke week vraagt het Vlaamse Radio 1-programma 'De Ochtend' iemand om zijn of haar held van de week een brief te schrijven. Deze keer is (Lebowski-)auteur en Brusselaar Joost Vandecasteele aan het woord. Hij schreef een brief aan iemand op een zebrapad terwijl een auto toeterde om voort te maken.


Nooit stoppen met stappen (1)

Wegens persoonlijke redenen ben ik deze zomer beginnen wandelen in Brussel. Waarmee ik niet bedoel dat ik de afgelopen 39 jaar op mijn rug voortgetrokken werd door een roedel honden. Maar voorheen beschouwde ik stappen uitsluitend als een transportmiddel, met als enig doel zo weinig mogelijk afstand en tijd te verliezen tussen punt A en punt B, liefst in combinatie met een metro of tram. Sinds juni echter neem ik een bijna onmogelijk te verantwoorden omweg.

 




recente posts

Hemel

Hemel

Jonah Falke
Gepost op: 2018-10-18 in: faits divers
Gepost op: 2018-10-16 in: faits divers
#unteilbar

#unteilbar

Karolien Berkvens
Gepost op: 2018-10-15 in: current affairs