Zoeken
Marokkaanse trots
Waar is de Marokkaanse trots als je deze nodig hebt? Onnodig vaak laat de Marokkaan zich als clown het mediacircus binnenduwen, om daarbinnen murw gebeukt te worden met verwijten dan wel doodgeknuffeld te worden. 

Marokkaanse trots

Gepubliceerd op 19 april, 2016 om 00:00, aangepast op 31 januari, 2017 om 00:00

Zo bleek maar weer eens na de uitspraken van Johan Derksen over Marokkaanse voetballers. Vaak wordt terecht beweerd dat trots Marokkaanse jongeren in de weg kan zitten; diezelfde trots zou nu wel eens de ontsnapping kunnen zijn uit de maatschappelijke klem waarin de Marokkaan gevangen zit.

Het laatste Marokkanencircus ving aan met een column van Hugo Borst in het AD. De voetbalanalist uitte daarin zijn zorg over Marokkaanse voetballers. Individueel prima spelers, helaas weten ze in teamverband de kwaliteiten niet optimaal te benutten. Borst heeft een punt. Vlak voor de absolute top in zicht is tuimelen de meeste Marokkaanse voetballers alweer richting de vergetelheid. In het belang van het aanstormende Marokkaanse talent is dit gegeven wel een overpeinzing waard. Je weet immers nooit; misschien ligt het wel aan het merk onderbroek dat zij dragen of het kruidige eten dat Marokkaanse voetballers thuis voorgeschoteld krijgen. Maar echt tot een dialoog over dit verschijnsel is het nooit gekomen. De uitnodiging van Borst hierover na te denken nam voetbalanalist Johan Derksen als een voorzet om te roepen dat Marokkaanse jongeren de sfeer op amateurclubs verpesten met hun gedrag en culturele gewoontes. Onder anderen door altijd met onderbroek aan onder de douche te stappen (dat er niemand op het idee kwam voor een onderbroekentax, geeft enigszins hoop voor de toekomst.)

Derksen mocht op veel bijval rekenen. Uit de stortvloed aan soms agressieve reacties op krantenfora en sociale media zou je bijkans kunnen concluderen dat de voetbalwereld een paradijs is van intelligentie, moreel besef, beschaving en welgemanierdheid, voor die werd gekaapt door barbaarse Marokkanen. Een wonderschone wereld zonder matchfixing, zonder voetbalpapa’s die scheidsrechters met messen te lijf gaan, zonder voorzitters met een strafblad. Een wereld ook waarin ex-keepers van Ajax voor bewezen diensten worden geëerd met een heus kunstwerk: een aangeklede opblaaspop, opgehangen in het stadion, waar supporters aan asielzoekers ook het goede voorbeeld geven als het gaat om taalcreativiteit.

Anne Frank de Boer ole ole.
Steek een mes in in het vlees van een kankerhagenees la la lala lalala.
Het is Foppe die homofiel, Hoereveen Hoereveen.
Mijn vader zat bij de commando’s, mijn moeder zat bij de SS. Samen verbrandden zij joden, want joden branden het best. La lala lalalala.

Zelf kijk ik zo nu en dan graag naar Voetbal Inside, het tv-programma van Derksen. Tussen de gesprekken door over waardeloze spelers en de onderbroekenlol worden zo nu en dan wat voetballers en bekende Nederlanders gefileerd. De keuze voor de te slachten persoon is meestal afhankelijk van het humeur van Derksen. Vandaag is Louis van Gaal een gevaarlijke gek en wanneer hij morgen derde wordt op het WK blijkt er toch een geniale held in hem te zitten. Derksen vindt de nationale trainers Blind en van Basten oetlullen omdat zij Nedermarokkaan en Twente-speler Hakim Ziyech niet bijtijds hebben opgeroepen voor het Nederlands elftal en hem zodoende richting de Marokkaanse voetbalbond hebben laten vertrekken. Diezelfde Derksen zegt nu ongegeneerd dat hij als leider van een voetbalclub nooit voor Marokkanen zou kiezen. “Je bent ze altijd kwijt voor de Afrika-cup en in de Ramadan heb je niks aan ze.” Niet serieus te nemen borrelpraat is het en meer ook niet. Even lachen en verder geen aandacht aan besteden.

In een tijd van chronische mediahysterie kregen de woorden van Derksen over Marokkanen echter meer vleugels mee dan ze waard waren. En dat onder andere dankzij de overdreven reactie van SMN. Het Samenwerkingsverband Marokkaanse Nederlanders dreigde onder meer met een aangifte tegen Derksen. Je moet er maar zin in hebben. Afijn, de Marokkaanse beer schoot los, holde het tv-circus in en zette de sluizen van de glibberige internetriolen wijd open. Ook minister Schippers van sport deed een lelijke duit het zakje. Ze schaarde zich achter Derksen, wurmde in de schreeuwende menigte en sprak van een reëel probleem. Geen enkele onderbouwing werd daarbij door haar ontvouwen. Geen gegevens, geen statistieken, geen enkel denkwerk. Nee, ze praatte na wat ze had gehoord. Want als Johan Derksen zegt: ‘We hebben een probleem’ dan hebben we een probleem! Johan Derksen, de voetbaldeskundige die in zijn tv-programma negen van de tien keer de verkeerde winnaar aanwijst bij het invullen van het lijstje voor de toto. Ik houd mijn hart vast als binnenkort Linda de Mol roept: ‘We moeten Iran aanvallen!’

In het tv-programma Pauw poogde de woordvoerder van SMN, Farid Azarkan, gretig maar tevergeefs een discussie op inhoud met Derksen te voeren over zijn uitspraken. Derksen deed waar hij goed in is: simpel en hard op de man spelen. Hiermee oogstte hij veel waardering op sociale media. Het optreden van Azarkan werd juist gezien als een bevestiging van het feit dat Marokkanen een agressieprobleem hebben. Ook dat nog, je doet het ook nooit goed. En of het niet erger kan: Peter R. de Vries wist op Twitter het optreden van Azarkan wel op waarde te schatten. Je kunt voor minder van de flat springen.

En dan werpt zich de vraag op: waarom laten prominente Marokkaanse Nederlanders zich überhaupt  hiertoe verleiden? Waarom die drang om constant te reageren en vooral te over-reageren op elke uitspraak over Marokkanen? Waarom niet schouderophalend doorlopen? Is het de Messiaanse drang om elke kans aan te grijpen om tegenwicht te bieden aan het negatieve beeld over de Marokkaan?  Als dat het is kunnen zij het best verschijnen in tv-programma’s als Ik hou van Holland: daar kun je met een oranje puntmuts op gezellig meedeinen op een Hollandse carnavalskraker. Sympathie gegarandeerd. Je kunt ook in je onderbroek op de duikplank gaan staan in het programma Sterren Springen. Je nek daarbij breken zal het zeker goed doen bij de kijkers. Voor de rest kun je het wel schudden. Er valt geen eer te behalen met de Marokkaanse proteststem. Hoogstens een aai over je krullenbolletje vanuit de linkse hoek, maar ook daar wordt een mens niet vrolijk van.

Zij kunnen een voorbeeld nemen aan een aantal zelfbewuste Marokkaanse jongeren waarmee ik werk. Deze jongeren hechten veel meer waarde aan eigen tijd en eigen kunnen dan aan de meninkjes van een of andere voetbalsigaar. Deze toekomstige toppers bewegen zich voort in stilte en wensen door niets of niemand vertegenwoordigd te worden. Ook niet door Marokkaanse organisaties; de tijd dat een voorzitter van een centrum voor buitenlanders sprak bij monde van alle gastarbeider hebben we immers allang achter ons gelaten. Ook wensen zij niet zielig gevonden te worden als zij geen stageplek of baantje kunnen krijgen vanwege hun etnische achtergrond; zij hebben de blikken breed op de grote wereld gericht. Deze jongeren zijn goed opgeleid, creatief, wereldwijs en bulken van het zelfvertrouwen. Lukt het niet in Nederland, dan lukt het wel in Dubai en anders wel op een andere planeet. Zij zijn trots en zeggen: ‘Beste Mocro, laat toch eens wat vaker de negativiteit van je afglijden.’

 

Khalid Boudou
Schrijver, columnist en docent

 

Blijf op de hoogte

Volg onze sociale media voor het laatste nieuws: