Tokyo Expatwife #5: 'Je bent in Japan, lul'

Tokyo Expatwife #5: 'Je bent in Japan, lul'

Mick Johan

Er komen veel mensen uit mijn vriendenkring naar Tokio. Sinds we hier wonen is er altijd tenminste één bekende uit Amsterdam in de stad. Tokio is het nieuwe Bali. Dat geeft niks, sterker nog, ik snap dat. Ik ben hier zelf per slot van rekening ook. Het is een geweldige plek en ik kan iedereen aanraden hierheen te komen.
 

Veel mensen willen afspreken. Dat geeft een dubbel gevoel. Ik vind het leuk bekenden te zien, maar wekelijks afspreken met Hollanders draagt niet bij aan het gevoel aan de andere kant van de wereld te zitten.

Dagelijks contact met vrienden en familie is hier geen probleem. Dat is fijn, maar ook irritant: je bent nooit echt weg. Natuurlijk is het contact is een keuze; niemand dwingt me bereikbaar te zijn en mijn sociale media te checken. Maar de telefoon brandt in mijn handen, zelfs als hij niet in mijn handen ligt. Er zijn websites en apps die ik dagelijks minstens twintig keer zonder enig resultaat opnieuw herlaad.

Afgelopen zondag waren we voor het eerst op het strand in Kamakura, een uur rijden van Tokio. Het is er te gek en het was onze eerste keer buiten de stad sinds onze verhuizing.

We zwommen in zee. Er cirkelde een dertigtal enorme Zwarte Wouwen boven het strand. Het zag er onheilspellend uit. Een van de roofvogels griste een sushirol uit de hand van mijn vrouw.

Vanaf het strand zag ik voor het eerst de Mount Fuji. Dat maakte indruk, ik had de berg nog nooit gezien. Niets meer lijkt je te vertellen ‘je bent in Japan, lul’, dan het aangezicht van Mount Fuji. Ik pakte mijn telefoon om een foto te maken en voor ik er erg in had, had ik alweer een slordige veertig likes uitgedeeld, wist ik wat sommige mensen ontbeten hadden en wie er naar Pinkpop zou gaan. De macht der gewoonte blijkt groter dan het verlangen de ververs-knoppen onververst te laten.

Als ik andere Gaijin (buitenlanders) tegenkom merk ik dat we onze teleurgestelde blikken vaak krampachtig proberen te ontwijken. Gevoelsmatig willen alle westerlingen hier de enige zijn en deze stad voor zichzelf hebben. Alsof ze zich het liefst een ontdekkingsreiziger wanen, een eenzame held, uniek in zijn soort. Een kinderlijk en ridicuul verlangen dat nergens op slaat, en dat ook niks vruchtbaars oplevert. Misschien projecteer ik mijn gevoelens wel op de anderen, en heeft verder niemand zulke gedachten. Dat zou helemaal treurig zijn.

Ik woon aan de andere kant van de wereld, en dat wil ik ook graag zo beleven. Ik vraag me af waar dit verlangen vandaan komt.

Mick Johan (1980) is schrijver, kunstenaar en drummer. Hij was de helft van kunstenaarsduo Miktor & Molf en de eerste hoofdredacteur van VICE in Nederland. Totemdier Arafat is zijn debuutroman. Meteen na publicatie verhuisde hij met zijn vrouw en twee kinderen naar Tokio.


Gepost in: proza op 2017-06-13

Door Mick Johan


Ook van Mick Johan

Tokyo Expatwife #12: Taal

Mijn eerste cursus Japans zit erop. Lerares Yoshida san vormde mijn zachte introductie tot de Japanse taal en gebruiken. In de dertig één-op-éénlessen van anderhalf uur die ik van haar kreeg liet ze niet veel los over zichzelf, behalve dat ze graag wijn drinkt en van eten houdt. Ik schat haar een jaar of vijftig, maar jonger van geest. Ze genoot er zichtbaar van als ik vertelde over de smerige dingen die ik aan het schrijven of tekenen was. Ik had soms het idee dat ze les geeft aan gaijin om even te ontsnappen aan de Japanse cultuur. Het lijkt me erg gezond om via werk aan één van je identiteiten te kunnen ontsnappen. 


Tokyo Expatwife #11: Oorlog

Er rijden zwarte busjes door de stad. Ik zie ze regelmatig in het weekend, met name in Roppongi en Shinjuku. Uit speakers die erop zijn gemonteerd klinkt opzwepende militaire marsmuziek.Vaak laten ze enorme vlaggen wapperen, zowel Japanse vlag als de vlag van de Rijzende Zon, ook wel bekend als de Japanse oorlogsvlag. Je hoort ze al van ver aankomen. De bombastische muziek weerkaatst keihard tussen de enorme gebouwen, en ze scheuren door de straten waardoor de vlaggen mooi strak staan. Op de voertuigen zelf, die vaak een beetje aandoen als een DIY-versie van Mobiele Eenheid-busjes, zijn witte Japanse tekens aangebracht die ik helaas niet kan lezen. Er is iets aan de matzwarte busjes en hun blikken strijdliederen waardoor het lijkt alsof ze uit een andere wereld komen. Mad Max in de neon jungle. Het is een machtig gezicht.




recente posts

Troost

Troost

Jonah Falke
Gepost op: 2018-04-19 in: faits divers
Gepost op: 2018-04-17 in: faits divers