Rolstoel

Rolstoel

Jonah Falke

Gisteravond at ik met mijn vader bij een Italiaan in Bocholt, Duitsland. De ober die ons bediende sprak als een Italiaanse Duitser uit een zwart-witfilm. Zijn Duits doorweefde hij met Italiaanse woorden. Ook had hij een onvermoeibare glimlach op zijn gezicht. Het was niet moeilijk om aardig tegen hem te zijn.

 

We aten en ik vroeg mijn vader naar een oude bekende van hem.

Hij zei: ‘Zijn vrouw werkt en gaat recht op haar doel af, maar in zijn leven lukt er niet zoveel, eigenlijk. Hij zorgt voor de kinderen.’

Een kordaat antwoord, maar toch begreep ik het niet.

‘Maar hij wilde toch kinderen?’, zei ik. ‘Wilde hij de verkeerde dingen?’

‘Dat kan maar zo.’

Kinderen zijn misschien geen oplossing. Wellicht zelfs een last of onhandigheid. Waar begint en waar eindigt je eigen leven?

Na een korte stilte zei ik: ‘Hoe ga je om met een leven dat dreigt te mislukken?’

Mijn vader keek me aan en lachte schuchter. Misschien dacht hij dat ik het over hem of mezelf had. Hij zei: ‘Tja…’ En verder niets.

Het was een onbenullige allesomvattende vraag, dat begreep ik wel. Ieder antwoord zou een verzinsel zijn geweest.

 

Terwijl we na het eten een espresso dronken, kwam er een vrouw het restaurant binnen. Ze was buiten adem en zei plots luid, in het Duits: ‘Mijn rolstoel is gestolen, daar in de hoek stond hij.’

Alle etende mensen keken haar aan alsof ze geen mens was. Ze liep verder het restaurant in. Niet onze Duits-Italiaanse ober maakte haar duidelijk dat ze moest vertrekken, maar een andere man die er werkte.

Deze ober werd steeds onvriendelijker tegen haar en zijn gebaren steeds vuiler. ‘Er is hier geen rolstoel!’, schreeuwde hij. De vrouw bleef roepen: ‘Mijn rolstoel is hier ergens!’

Ruw werd ze buiten gewerkt. Ontheemd en vloekend stiefelde ze weg.

Onze Italiaanse ober had staan toekijken bij het tafereel. Vervolgens bracht hij glimlachend de rekening alsof er niks aan de hand was. Al het werk dient verdeeld te worden. Het vuile werk dient bij voorkeur door iemand anders gedaan te worden. Mijn vader betaalde de rekening, we gingen.

 

Toen we naar de auto liepen zei hij: ‘Om hun leven te laten slagen moet je mensen serieus nemen, serieuzer dan ze misschien verdienen.’


Gepost in: proza op 2017-09-19

Door Jonah Falke

Jonah Falke (1991) werd geboren in Ulft en studeerde fine art painting aan ArtEZ, Enschede. Hij exposeerde in binnen- en buitenland en maakte als frontman van de band Villa Zeno de plaat Self Made Woman. In 2016 verscheen zijn debuutroman Bontebrug. Hij schreef voor Vrij Nederland, See All This, ELLE, HP/De Tijd en VPRO Nooit meer slapen en is vaste columnist bij de Gelderlander en op het Lebowski Blog.


Ook van Jonah Falke

Rumspringa

Een paar weken terug zat ik met mijn geliefde in een trein van New York naar Ottawa, Canada. Buiten de stad stapten er een tiental mensen in die eruitzagen als tweehonderd jaar geleden.


Serendipiteit

Afgelopen weekend opende de expositie ‘Untitled’ van Joris Geurts bij galerie Slewe in Amsterdam. Er werd ook een catalogus van zijn schilderen gepresenteerd. Ik was te laat en miste de speech. Gelukkig zei een man met een Oost-Europees accent: ‘Het was een mooie speech. Ze zeiden dat hij het goed doet, het alleen-zijn in het atelier. Hij mag nu weer verder lijden.’ 
Dat was een geruststelling. 




recente posts

Rumspringa

Rumspringa

Jonah Falke
Gepost op: 2019-04-18 in: faits divers
Controle

Controle

Chris Polanen
Gepost op: 2019-04-17 in: faits divers