Pop en literatuur (10): The Rolling Stones en Michaïl Boelgakov

Pop en literatuur (10): The Rolling Stones en Michaïl Boelgakov

Cor de Jong

Iedere dinsdag zoekt auteur Cor de Jong de connectie tussen popmuziek en literatuur. Vandaag deel 10, over het verband tussen The Rolling Stones en Michaïl Boelgakov.
 


‘Sympathy For The Devil’ is zonder twijfel een van de meest tot de verbeelding sprekende nummers van The Stones. De oorzaken voor de legendarische status van het nummer zijn legio. Misschien speelt het mee dat het ontstaan van het nummer uitvoerig gedocumenteerd is in de gelijknamige film van Jean-Luc Godard. In die film zien we de band in de studio repeteren en schaven. Brian Jones is helemaal van de wereld, Keith Richards improviseert,  Mick Jagger experimenteert er op los, het tempo van het nummer en de instrumentatie verandert voortdurend en zelfs de tekst ondergaat ter plekke een wijziging: door het nieuws van de moord op Robert Kennedy besluit de band ter plekke om de zinsnede ‘Who killed Kennedy?’ te wijzigen in ‘Who killed the Kennedys?’

Verder is er de hardnekkige misvatting dat het gedurende de uitvoering van dit nummer was dat bij het Altamont Free Concert de tiener Meredith Hunter werd neergestoken (in werkelijkheid was het tijdens ‘Under My Thumb’). Maar meer nog dan dit alles is het waarschijnlijk de occulte tekst in combinatie met de opzwepende muziek, het onheilspellende ‘woo woo’ en het hysterische gekrijs van Jagger dat het nummer zijn magische aantrekkingskracht geeft.

Over de tekst meldt Jagger (in een interview met Rolling Stone) dat die deels is geïnspireerd door een gedicht van Baudelaire, al weet hij niet meer welk gedicht precies: ‘I think that was taken from an old idea of Baudelaire's, I think, but I could be wrong. Sometimes when I look at my Baudelaire books, I can't see it in there. But it was an idea I got from French writing. And I just took a couple of lines and expanded on it.’ Mogelijk doelt Jagger op ‘Les litanies de Satan’, of, waarschijnlijker, op ‘Le joueur généreux’. Dat laatste gedicht in proza verhaalt van een ontmoeting met de satan. Hieruit is de bekende uitspraak afkomstig dat ‘de beste list van de duivel is jullie ervan te overtuigen dat hij niet bestaat’, een uitspraak die bekendheid verkreeg dankzij Verbal Kint (Kevin Spacey) in The Usual Suspects.

Een andere inspiratiebron voor ‘Sympathy For The Devil’ is de roman De meester en Margarita van Michaïl Boelgakov.
 

The Rolling Stones – Sympathy For The Devil


Please allow me to introduce myself
I'm a man of wealth and taste
I've been around for a long, long year
Stole many a man's soul and faith

And I was 'round when Jesus Christ
Had his moment of doubt and pain
Made damn sure that Pilate
Washed his hands and sealed his fate

Pleased to meet you
Hope you guess my name
But what's puzzling you
Is the nature of my game

I stuck around St. Petersburg
When I saw it was a time for a change
Killed the czar and his ministers
Anastasia screamed in vain

I rode a tank
Held a general's rank
When the blitzkrieg raged
And the bodies stank

Pleased to meet you
Hope you guess my name
Ah, what's puzzling you
Is the nature of my game

I watched with glee
While your kings and queens
Fought for ten decades
For the gods they made

I shouted out,
"Who killed the Kennedys?"
When after all
It was you and me

Let me please introduce myself
I'm a man of wealth and taste
And I laid traps for troubadours
Who get killed before they reached Bombay

Pleased to meet you
Hope you guessed my name
But what's puzzling you
Is the nature of my game

Pleased to meet you
Hope you guessed my name
But what's confusing you
Is just the nature of my game

Just as every cop is a criminal
And all the sinners saints
As heads is tails
Just call me Lucifer
'Cause I'm in need of some restraint

So if you meet me
Have some courtesy
Have some sympathy, and some taste
Use all your well-learned politesse
Or I'll lay your soul to waste, mm yeah

Pleased to meet you
Hope you guessed my name, mm yeah
But what's puzzling you
Is the nature of my game

Tell me baby, what's my name
Tell me honey, can ya guess my name
Tell me baby, what's my name
I tell you one time, you're to blame

Michaïl Boelgakov – De Meester en
Margarita

 

‘Neemt u mij niet kwalijk dat ik in het vuur
vanonze discussie vergat mij aan u voor te stellen.
Hier is mijn kaartje, mijn paspoort en de
uitnodiging om naar Moskou te komen
voor een consult.’ (blz. 19)

‘…de zaak is dat ik bij dat alles persoonlijk
aanwezig was. Ik was bij Pontius Pilatus
op het balkon en in de tuin tijdens zijn
gesprek met Kajafas en ook op de tribune,
maar in het geheim, incognito zogezegd,
dus ik verzoek u strikte geheimhouding.’ (blz. 48)


De meester en Margarita verscheen in 1966 postuum – in gecensureerde vorm. De Engelse vertaling verscheen in 1967. Mick Jagger kreeg het boek cadeau van Marianne Faithfull en het maakte indruk.

Het boek vertelt hoe de duivel met een klein gevolg zijn intrede doet in Moskou en daar de boel op stelten zet. In de eerste hoofdstukken heeft hij de gedaante van een onbekende professor, die juist is aangekomen in de stad en zich bemoeit met het gesprek van twee heren op een bankje in het park bij de Patriarchvijver. De twee heren, letterkundigen, bediscussiëren een gedicht dat een van beide heeft geschreven over Jezus Christus en dat volgens de ander te veel de schijn wekt dat Christus een historisch figuur is geweest (iets wat zij beiden niet geloven).

De onbekende professor die zich met hun gesprek bemoeit geeft aan dat Jezus weldegelijk heeft bestaan, beweert dat hij er zelf bij was toen Pilatus hem veroordeelde en voorspelt en passant ook nog de dood van een van beide heren. Zijn weergave van de gebeurtenissen rondom de veroordeling van Jezus laat niet na indruk te maken, al wijkt deze – op zijn zachtst gezegd – nogal af van de evangeliën. Pas echt bizar wordt het als direct daarna een van beide heren, Berlioz,  door een absurd tramongeluk onthoofd wordt, waarbij de eerdere voorspellingen van diens dood ineens bijzonder accuraat blijken.

Het is het begin van een bizarre reeks gebeurtenissen, waarbij steeds meer personages betrokken raken, onder andere de zogenaamde ‘meester’ uit de titel (die werkt aan een roman over Pilatus; het verhaal dat de duivel vertelt lijkt hier een hoofdstuk uit te zijn) en ene Margarita, zijn minnares, die een pact sluit met de duivel in de hoop de meester te kunnen ontzetten uit de psychiatrische inrichting waarin deze terecht is gekomen.

Het voert te ver om de roman hier in zijn geheel samen te vatten. Het is zondermeer een van de hoogtepunten uit de Russische literatuur van de twintigste eeuw, maar daarnaast is het ook een complexe, gelaagde roman waarin de gebeurtenissen zich in een moordend tempo voltrekken. Mick Jagger lijkt zijn inspiratie vooral geput te hebben uit de beginhoofdstukken.

‘Sympathy For The Devil’ is, in tegenstelling tot het boek, geschreven in de eerste persoon. Hier is de duivel zelf aan het woord, die zich direct voorstelt aan de luisteraar als een ‘man of wealth and taste’. Direct daarna doet hij dezelfde claim als in De meester en Margarita, namelijk dat hij erbij was toen Pilatus Jezus veroordeelde. Maar daar houdt de overeenkomst wel op, want de Jezus en Pilatus waar de duivel van Jagger het over heeft lijken toch echt die van de Bijbel te zijn, meer dan die uit het alternatieve evangelie van de meester uit Boelgakovs roman. De Bijbelse Jezus kende inderdaad twijfel (‘Mijn god, waarom hebt gij mij verlaten’)  en de Bijbelse Pilatus waste zijn handen in onschuld. De zinsnede ‘washed his hands and sealed his fate’ is dubbelzinnig. Het eerste ‘his’ verwijst naar Pilatus. Het tweede lijkt naar Jezus te verwijzen, maar misschien indirect toch ook naar Pilatus.

Waar de roman van Boelgakov zich volledig afspeelt in Moskou (behalve de passages over Pilatus), verlegt Jagger het toneel al snel naar St. Petersburg. Zijn duivel eist de verantwoordelijkheid op voor de moord op de tsaar, diens dochter Anastasia en zijn ministers, de Tweede Wereldoorlog, godsdienstoorlogen, de moord op de Kennedy’s en andere wapenfeiten passeren in sneltreinvaart de revue. Mick Jagger lijkt vooral het idee van een duivel die in verschillende tijdvakken opereert gekopieerd te hebben van Boelgakov, maar daar houdt de overeenkomst wel op.

Of niet? Eén ding lijken de duivel van Jagger en die van Boelgakov met elkaar gemeen te hebben: ze zijn niet onverdeeld onsympathieke personages. De duivel van Boelgakov is rebels en zaait chaos en vernietiging, maar speelt vooral in op de hebzucht, de onmatigheid en de machtswellust van anderen. Dat blijkt bijvoorbeeld in de passage in het theater, waar de duivel mensen voorziet van prachtige kleding waar zelfs om gevochten wordt, maar die plotseling verdwenen is als ze na de voorstelling buiten op straat staan. Het lijkt op het sprookje van de nieuwe kleren van de keizer. Het boek heeft nu en dan iets van een schelmenroman in de traditie van de Reynaert. Uiteindelijk is de duivel (die bij Boelgakov de naam Woland draagt) ook mild voor de meester en Margarita, die dankzij hem herenigd worden.

De duivel van Jagger legt uit dat hij niet zelf het kwaad aanricht. Kwaad is, net als het goede, in ons allemaal: ‘every cop is a criminal’ en ‘all sinners saints’. Goed en kwaad zijn twee zijden van dezelfde medaille. Zo moet ook de naam van de duivel uitgelegd worden. Een lucifer ontbrandt niet uit zichzelf, maar is ‘in need of some restraint. ’ Hij is niet degene die het kwaad bewerkstelligt, maar uiteindelijk zijn we dat zelf: ‘after all it was you and me’.

 

(Foto door Bert Verhoeff / Anefo - Nationaal Archief, CC BY-SA 3.0)


Gepost in: faits divers op 2018-05-08

Door Cor de Jong

Cor de Jong (1978) is schrijver, leraar Nederlands en studiebegeleider bij de jeugdopleiding van Sparta Rotterdam. Hij publiceerde al meerdere korte verhalen. De aanname is zijn debuutroman.


Ook van Cor de Jong

Pop & literatuur (61): Beyoncé en Warsan Shire

Iedere dinsdag zoekt Cor de Jong de connectie tussen pop en literatuur. Deze week deel 61: Beyoncé en Warsan Shire. 


Pop en Literatuur (60): Beyoncé en William Shakespeare

Elke dinsdag zoekt Cor de Jong de connectie tussen pop en literatuur. Deze week deel 60: Beyoncé en Shakespeare.




recente posts