Pop en Literatuur (69): Green Day en J.D. Salinger

Pop en Literatuur (69): Green Day en J.D. Salinger

Cor de Jong

Iedere dinsdag zoekt Cor de Jong de connectie tussen pop en literatuur. Deze week deel 69: Green Day en J.D. Salinger.
 


‘Who wrote Holden Caulfield?’ vraagt Billie Joe Armstrong van Green Day zich af. Het antwoord is natuurlijk ‘J.D. Salinger’. Tenminste, dat was de schijver die het personage Holden Caulfield in het leven riep in zijn beroemde roman The Catcher in the Rye (1951), waarmee hij definitief zijn naam vestigde.

De invloed van dit boek op de popmuziek staat buiten kijf, al heeft dat een tragische oorzaak: Mark Chapman droeg een exemplaar ervan bij zich op 8 december 1980, de dag dat hij John Lennon doodschoot. Over de vraag in hoeverre hij door het boek werd aangezet tot de moord is veel gezegd en geschreven. Het valt moeilijk vol te houden dat Salinger in zijn meesterwerk oproept tot geweld, laat staan tot het vermoorden van mensen. De link tussen het boek en Chapmans daad is ingewikkelder. Chapman (een psychiatrisch patiënt) was aanvankelijk fan van The Beatles en van Lennon, maar keerde zich later af van zijn held en noemde hem een ‘phony’, het favoriete scheldwoord van Holden Caulfield.

Holden Caulfield is een puberjongen die zich afzet tegen de wereld om hem heen. Hij moet van school vanwege zijn bedroevende resultaten. Hij besluit echter al voor het einde van het semester weg te lopen van school, maar in plaats van naar huis te gaan zwerft hij rond in New York. Hier mijmert hij over het leven, over vroeger, zijn gestorven broer Allie, zijn jongere zusje Phoebe en zijn oudere broer D.B. die schrijver is, maar zich volgens Holden ‘prostitueert’ door filmscenario’s te schrijven.

Ondanks zijn onverschillige – en voor die tijd nogal grove – taalgebruik, zijn nonchalante houding en zijn cynische commentaar op zijn medemens, is het duidelijk dat Holden een gevoelige jongen is. Dat maakt hem tot een personage waar de lezer zich gemakkelijk mee kan identificeren. Ook zijn kritiek op de hypocrisie van anderen, die hij ‘phonies’ noemt, is herkenbaar. Een van de mensen die deze kritiek ten deel valt is D.B. Enerzijds is Holden een bewonderaar van zijn broer en diens werk, maar anderzijds verfoeit hij de keuze van zijn broer om naar Hollywood te gaan. Daarmee heeft hij zijn ziel aan de duivel verkocht en dat maakt hem tot een ‘phony’. Eenzelfde houding had Mark Chapman ten aanzien van zijn idool Lennon. Chapman identificeerde zich met Holden Caulfield en verbond daar verregaande consequenties aan.

Ook Billy Joe Armstrong identificeert zich met Holden, zij het op een minder gewelddadige manier. Hoewel…. Het zij opgemerkt dat de albumhoes van Kerplunk (1992), het album waar dit nummer op verscheen, enige controverse met zich meebracht, omdat op de voorkant een meisje met een pistool te zien is, en op de achterkant een neergeschoten jongen.

 

Maar wie de tekst van het nummer bekijkt, ziet toch een heel andere lezing van het boek dan de fatale interpretie die Mark Chapman eraan verbond.

 

 

Green Day – Who Wrote Holden Caulfield?

 

 

A thought burst in my head and I need to tell you

It’s news that I forethought

Was it just a dream that happened long ago?

I think I just forgot

 

Well it hasn’t been the first time

And it sure does drive me mad

I just wanna say,

 

There’s a boy who fogs his world and now he’s getting lazy

There’s no motivation and frustration makes him crazy

He makes a plan to take a stand but always ends up sitting

Someone help him up or he’s gonna end up quitting

 

I shuffle through my mind

To see if I can find

The words I left behind

Was it just a dream that happened long ago?

Oh well, never mind

 

Well it hasn’t been the first time

And it sure does drive me mad

I just wanna say,

 

There’s a boy who fogs his world and now he’s getting lazy

There’s no motivation and frustration makes him crazy

He makes a plan to take a stand but always ends up sitting

Someone help him up or he is gonna end up quitting

 

There’s a boy who fogs his world and now he’s getting lazy

There’s no motivation and frustration makes him crazy

He makes a plan to take a stand but always ends up sitting

Someone help him up or he is gonna end up quitting

 

There’s a boy who fogs his world and now he’s getting lazy

There’s no motivation and frustration makes him crazy

He makes a plan to take a stand but always ends up sitting

Someone help him up or he is gonna end up quitting

 

In de coupletten (gezongen door Armstrong alleen) is er steeds sprake van een ‘ik’, in de refreinen (met achtergrondzang) van een ‘hij’: ‘a boy who fogs his world and now he’s getting lazy’. Het woordje ‘fogs’ is dubbelzinnig, omdat het klinkt als ‘fucks’. To fog kan duiden op ‘vertroebelen’, maar kan ook verwijzen naar roken of blowen. Maar met ‘fuck’ komt ook de betekenis ‘to fuck it up’ in beeld en dat is precies wat Holden Caulfield doet.

De tekst van het nummer legt niet zo zeer de nadruk op het beeld dat Holden heeft van de wereld om hem heen en de hypocrisie van de anderen (de ‘phonies’). Dit nummer richt zich meer op Holdens eigen persoonlijkheid en zijn eigen persoonlijke crisis, zijn onvermogen om tot actie over te gaan, zijn luiheid en gebrek aan motivatie: ‘He makes a plan to take a stand but always ends up sitting’. De'ik' die hier aan het woord is zegt het niet met zoveel woorden, maar het is duidelijk dat dit evenzeer op hem zelf slaat.

Hoe moet(en) deze jongen(s) uit hun impasse raken? Het antwoord zit in de laatste regel van het refrein ‘Someone help him up or he is gonna end up quitting’. Holden krijgt inderdaad professionele hulp. Hij vertelt zijn verhaal vanuit de inrichting waarin hij terecht is gekomen na zijn zenuwinzinking. In het laatste hoofdstuk schrijft hij:

 ‘A lot of people, especially this one psychoanalyst guy they have here, keeps asking me if I’m going to apply myself when I go back to school next September. It’s such a stupid question, in my opinion. I mean how do you know what you’re going to do till you do it? The answer is, you don’t. I think I am, but how do I know? I swear it’s a stupid question.’

Toeval of niet, op het volgende album van Green Day, Dookie (1994), waarmee de band internationaal doorbrak, vinden we de bandleden eveneens in een psychiatrische inrichting:
 


Gepost in: faits divers op 2019-08-20

Door Cor de Jong

Cor de Jong (1978) is schrijver, leraar Nederlands en studiebegeleider bij de jeugdopleiding van Sparta Rotterdam. Hij publiceerde al meerdere korte verhalen. De aanname is zijn debuutroman.


Ook van Cor de Jong

Pop en literatuur (72): Sufjan Stevens en Flannery O’Connor

Iedere week bespreekt Cor de Jong de relatie tussen pop en literatuur. Deze week deel 72 met Feargal Sharkey, Flannery O’Connor, Bessie Smith en Sufjan Stevens. 


Pop en literatuur (71): The Doors en Aldous Huxley

Iedere dinsdag zoekt Cor de Jong de connectie tussen pop en literatuur. Deze week deel (71): The Doors en Aldous Huxley.




recente posts