Pop & Literatuur (55): Frankie Goes to Hollywood en Samuel Taylor Coleridge

Pop & Literatuur (55): Frankie Goes to Hollywood en Samuel Taylor Coleridge

Cor de Jong

Elke dinsdag zoekt Cor de Jong de connectie tussen pop en literatuur. Deze week deel 55: Frankie Goes to Hollywood en Samuel Taylor Coleridge.

Cor's Pop & Literatuurlijst op Spotify:


 

Nóg een keer Samuel Taylor Coleridge? Nou, vooruit dan, maar dit is echt de laatse keer, beloofd…

Wie Frankie Goes To Hollywood zegt, noemt meestal in één adem ‘Relax’, een nummer uit 1984 dat al in de jaren ’90 symbool stond voor alles wat voltooid verleden tijd is en écht niet meer kon, zoals blijkt uit deze beruchte scène uit de sitcom Friends, waarin Frankie een soort cameo heeft op een verwassen T-shirt:

Toch was ‘Relax’ bij verschijnen behoorlijk controversieel. Hoewel de bandleden aanvankelijk stelselmatig ontkenden dat de tekst van het nummer (‘Relax, don't do it/ When you wanna suck to it/ Relax, don't do it/ When you wanna come’) seksueel getint zou zijn, werd tegelijkertijd alles in het werk gesteld om het tegenovergestelde te suggereren. Zo werden advertenties geplaatst van de bandleden met een kapiteinspet en leren handschoenen en de tekst ‘All the nice boys love sea men’ erbij. De hoes doet er een schepje bovenop en de eerste videoclip bij het nummer speelt zich af in een homo-SM-nachtclub. De BBC vond het nummer te expliciet en weigerde het lange tijd uit te zenden.

Na ‘Relax’ verschijnt het debuutalbum Welcome to the Pleasuredome, dat nog enkele succesvolle singles zal opleveren, waaronder het titelnummer. Dat bevat een bekend citaat uit het gedicht ‘Kubla Khan’ van Coleridge.
 

Frankie Goes To Hollywood – Welcome to the Pleasuredome

 

The world is my oyster........

Ha ha ha ha ha........

 

The animals are winding me up

The jungle call

The jungle call

 

Who-ha who-ha who-ha who-ha

 

In Xanadu did Kubla Khan

A pleasuredome erect

Moving on keep moving on-yeah

Moving at one million miles an hour

Using my power

I sent it by the hour

I have it so I'm mocking it

You really can afford it-yeah

Really can afford it

 

Shooting stars never stop

Even when they reach the top

Shooting stars never stop

Even when they reach the top

 

There goes a supernova

What a pushover-yeah

There goes a supernova

What a pushover

 

We're a long way from home

Welcome to the Pleasuredome

On our way home

Going home where lovers roam

Long way from home

Welcome to the Pleasuredome

 

Moving on

Keep moving on

 

I will give you diamonds by the shower

Love your body even when it's old

Do it just as only I can do it

And never ever doing what I'm told

 

Keep moving on

Got to reach the top

 

Don't stop

Pay love and life-oh my

Keep moving on

On again-yeah

 

Shooting stars never stop

Shooting stars never stop

 

Shooting stars never stop

Even when they reach the top

There goes a supernova

What a pushover

 

Who-ha who-ha

Welcome to the Pleasuredome

 

WELCOME........ha ha ha ha ha........

 

Long way from home

WELCOME TO THE PLEASUREDOME

Samuel Taylor Coleridge – Kubla Khan

 

 

In Xanadu did Kubla Khan

A stately pleasure-dome decree:

Where Alph, the sacred river, ran

Through caverns measureless to man

Down to a sunless sea.

So twice five miles of fertile ground

With walls and towers were girdled round;

And there were gardens bright with sinuous rills,

Where blossomed many an incense-bearing tree;

And here were forests ancient as the hills,

Enfolding sunny spots of greenery.

 

But oh! that deep romantic chasm which slanted

Down the green hill athwart a cedarn cover!

A savage place! as holy and enchanted

As e’er beneath a waning moon was haunted

By woman wailing for her demon-lover!

And from this chasm, with ceaseless turmoil seething,

As if this earth in fast thick pants were breathing,

A mighty fountain momently was forced:

Amid whose swift half-intermitted burst

Huge fragments vaulted like rebounding hail,

Or chaffy grain beneath the thresher’s flail:

And mid these dancing rocks at once and ever

It flung up momently the sacred river.

Five miles meandering with a mazy motion

Through wood and dale the sacred river ran,

Then reached the caverns measureless to man,

And sank in tumult to a lifeless ocean;

And ’mid this tumult Kubla heard from far

Ancestral voices prophesying war!

The shadow of the dome of pleasure

Floated midway on the waves;

Where was heard the mingled measure

From the fountain and the caves.

It was a miracle of rare device,

A sunny pleasure-dome with caves of ice!

 

A damsel with a dulcimer

In a vision once I saw:

It was an Abyssinian maid

And on her dulcimer she played,

Singing of Mount Abora.

Could I revive within me

Her symphony and song,

To such a deep delight ’twould win me,

That with music loud and long,

I would build that dome in air,

That sunny dome! those caves of ice!

And all who heard should see them there,

And all should cry, Beware! Beware!

His flashing eyes, his floating hair!

Weave a circle round him thrice,

And close your eyes with holy dread

For he on honey-dew hath fed,

And drunk the milk of Paradise.


Het gedicht van Coleridge beschrijft hoe de Mongoolse heerser Koeblai Khan (later keizer van China) in de dertiende eeuw een buitenverblijf liet bouwen in Xanadu (Shangdu). De beschrijving van dit machtige bouwwerk vormt meteen het grootste deel van het gedicht. In het tweede deel beschrijft de dichter hoe hij ooit in een visioen ‘a damsel with a dulcimer’ zag. Deze jongedame, een Abessijnse maagd, speelt op haar dulcimer een lied. De dichter meent dat hij, als hij dat lied tot leven kon brengen, ook het paleis van Khan zou kunnen herscheppen uit de muziek. En iedereen die hem hoorde zou waarschuwen dat hij zich gevoed had met honingdauw en de melk van het paradijs.

De laatste regels lijken een verwijzing naar ‘het land van melk en honing’, een Bijbelse aanduiding voor het Beloofde Land, waarmee verwezen wordt naar Israël en bij uitbreiding ook het Nieuwe Jeruzalem. Bij Coleridge ligt het voor de hand om de link te leggen met drugs. Ik beschreef vorige week al zijn voorkeur voor Kendal Black Drop. Is dit gedicht voortgekomen uit een hallucinante droom? Is de wens van de dichter om met behulp van poëzie zijn visioen van Xanadu tot leven te wekken? Het is niet ondenkbaar.

Maar Frankie gaat een andere kant op. In 1980 had de naam Xanadu al een andere connotatie gekregen dankzij de gelijknamige musicalfilm met Olivia Newton-John. In die film is Xanadu een discotheek. Het titelnummer van de musical (van Olivia Newton-John en Electric Light Orchestra) werd een bescheiden hit (en haalt nog regelmatig de Homo-top 100). Het gedicht van Coleridge speelt in deze musical eigenlijk geen rol van betekenis. Ook bij FGTH lijkt de invloed van het gedicht in eerste instantie beperkt. In feite citeren Holly Johnson c.s. maar één regel en die wordt bovendien op twee plaatsen geweld aangedaan. Allereerst is het ‘pleasuredome’ bij Frankie niet ‘stately’. Dat doet vermoeden dat het om een heel ander soort pleasuredome gaat dan bij Coleridge. En dan de woordkeuze ‘erect’ (met rollende r) in plaats van ‘decree’: veel suggestiever kan het niet. De tekst van het nummer wordt dan ook door veel luisteraars uitgelegd als een vrolijke lofzang op losbandigheid, homoseksualiteit of een combinatie van die twee. De terugkerende supernova (‘shooting stars’) kan dan opgevat worden als een metafoor voor ejaculatie. De ‘The milk of Paradise’ waar Coleridge het over heeft krijgt in de context van Frankie dus een heel een andere lading…

Wie de volledige clip van het nummer bekijkt, wordt in eerste instantie gesterkt in die interpretatie. De clip begint met een inleiding waarin we een kale man in een paradijselijke omgeving zien terwijl een stem klinkt die een passage uit De geboorte van de tragedie van Nietzsche vrij citeert. Het origineel luidt (in de Engelse vertaling):

Singing and dancing, man expresses himself as a member of a higher community: he has forgotten how to walk and talk and is on the verge of flying up into the air as he dances. The enchantment speaks out in his gestures. Just as the animals now speak and the earth gives milk and honey, so something supernatural also echoes out of him: he feels himself a god; he himself now moves in as lofty and ecstatic a way as he saw the gods move in his dream. The man is no longer an artist; he has become a work of art […].

Ook hier gaat het over melk en honing en het creëren van een bovennatuurlijke staat van extase. Dan begint de echte clip met een stel jongens die een auto kapen. Ze worden gevolgd door een helicopter met zoeklichten. Uiteindelijk komen de auto en de helicopter aan bij het losbandige pleasuredome en gaan ze met zijn vijven naar binnen (de dames die ze bij zich hebben blijven achter in de auto). Het lijkt in het begin een paradijselijke plek, maar de clip eindigt in een gewelddadige nachtmerrie, waarin occultisme, wilde dieren (waaronder een slang) en vechtpartijen de boventoon voeren.

Is het nummer dan een waarschuwing tegen losbandigheid en ongeremd hedonisme? Het zou kunnen en FGTH verdedigde die zienswijze graag. Coleridges gedicht is ook wel in die trant uitgelegd. Er wordt daarin immers gewaarschuwd (‘Beware!’) tegen de verleidingen van het pleasuredome. Maar de kritische lezer zou tegen kunnen werpen dat die waarschuwing in de mond wordt gelegd van anderen (‘All who heard’), terwijl de ‘ik’ (de dichter zelf?), die het visioen bezingt, degene is die zich gelaafd heeft aan de honingdauw en de melk en het paradijs wil herscheppen door middel van muziek.

Het nummer is op zijn minst ambigu, net als het gedicht. In dat verband is het dan wel weer aardig dat in de gesproken inleiding in de videoclip wordt teruggegrepen op Nietzsche. In De geboorte van de tragedie zet Nietzsche twee elementen die samen het tragische bepalen tegenover elkaar: het Dionysische (ondoordacht, wild en extatisch) tegenover het Apollinische (doordacht, rustig en weloverwogen). Zijn analyse komt er (kort door de bocht) op neer dat het Apollinische principe in de loop der eeuwen de overhand heeft gekregen. Dat leidt tot een reflectieve omgang met kunst in plaats van het ondergaan van of opgaan in kunst. Nietzsche pleit voor een herstel van de balans tussen de twee principes. En misschien is dat pleidooi wel precies wat Nietzsche, Coleridge en Frankie samenbrengt.


Gepost in: faits divers op 2019-04-02

Door Cor de Jong

Cor de Jong (1978) is schrijver, leraar Nederlands en studiebegeleider bij de jeugdopleiding van Sparta Rotterdam. Hij publiceerde al meerdere korte verhalen. De aanname is zijn debuutroman.


Ook van Cor de Jong

Pop en literatuur (79): Of Montreal en Edward Albee

Iedere week bespreekt Cor de Jong de relatie tussen pop en literatuur. Deze week deel 79 met Of Montreal, George Bataille en Edward Albee.    


Pop en literatuur (78): Ovidius en Patricia Barber 

Iedere week bespreekt Cor de Jong de relatie tussen pop en literatuur. Deze week deel 78 met Ovidius en Patricia Barber. 




recente posts

Autoriteiten

Autoriteiten

Jonah Falke
Gepost op: 2019-11-14 in: proza
De pont

De pont

Timo Bruijns
Gepost op: 2019-11-08 in: proza