De overdracht

De overdracht

Elke Geurts

We fietsen over het lange, rechte fietspad naar de stad, ik met mijn hand in de nek van de zevenjarige. De twaalfjarige fietst voorop. We zijn op weg naar een verjaardag. Ik heb afgesproken dat hun vader ze daar over anderhalf uur zal komen ophalen. 


‘Leef je voor geluk? Of sterf je van verdriet? En voelt dat als een keuze of heb jij die keuze niet?’ De zevenjarige naast me zingt ‘Mooi’ van Marco Borsato.

We hebben net vier gelukkige vakantiedagen thuis achter de rug, waarin ik elke dag met een stel kinderen en tieners naar de Grill-In wandelde om een softijs met spikkels te kopen. De Grill-In is onze nieuwe stamkroeg aan het worden. Er ontstaan leuke, nieuwe gewoonten. Mama = Grill-In.

Het verjaardagsfeestje is in de tuin. Hun vader is er op de afgesproken tijd. Nog voor hij goed en wel binnen is, staan we alle drie voor zijn neus. Hij omhelst en kust de meisjes, en lacht mij tenslotte ook toe. Meteen duw ik hem de tas die mee moet in zijn handen.

“O, ik drink eerst nog een kopje koffie hoor.”

“O, oké.” Heel even staan we wezenloos met z’n vieren tegenover elkaar in die keuken. Dan zet ik de tas maar weer neer, gaan de meisjes terug naar de trampoline.

“Je gulp staat nog open,” zeg ik. Hij knoopt de gulp dicht.

Er wordt koffie voor hem gezet. Eén grote pas en ik ben bij hem. Hij houdt me vast. Een split-second is alles goed. Daarna loopt hij met zijn kopje naar de tuin en gaat zitten op de plek waar ik net zat.

Ik heb de neiging om in die keuken te blijven wachten tot hij de koffie op heeft en deze ‘overdracht’ voortgezet kan worden. Maar zit even later toch weer onder de grote parasol en neem nog een snoephartje. De zevenjarige zit bij haar vader op schoot, daarnaast de twaalfjarige. Iedereen babbelt en lacht. We zitten hier weer zoals we hier zo vaak zaten als gezin. Op verjaardagbezoek.

Na een tijdje zegt hij: “We gaan.”

We staan allemaal op. Buiten halen we onze fietsen van het slot.  Eerst kus ik het ene meisje, daarna trek ik het andere meisje tegen me aan, en dan toch ook hun vader. We staan met onze fietsen aan onze hand op het zonovergoten trottoir.

Tot hij het weer zegt: “We gaan.”

En ze gaan.

Elke Geurts (1973) publiceerde de verhalenbundels Het besluit van Dola Korstjens (2008), Lastmens (2010) en Lastmens & andere verhalen (2015). Ook schreef ze de veelgeprezen roman De weg naar zee (2013). Daarnaast schrijft ze voor Trouw en VPRO Gids en verschijnen dagelijks columns op haar elkegeurts.nl.
Ik nog wel van jou verschijnt in 2017 bij Lebowski Publishers.

Deze column verscheen eerder in Trouw. 


Gepost in: faits divers op 2017-09-04

Door Elke Geurts

Deze column is eerder gepubliceerd in Trouw. De roman Ik nog wel van jou verscheen onlangs bij Lebowski.


Ook van Elke Geurts

Elke Geurts neemt afscheid; eerst gingen haar columns over een huwelijk, toen over een scheiding, nu is er een nieuw leven

Elke Geurts neemt afscheid. Haar Tijd-column ‘Over een huwelijk’ werd ‘over een scheiding’, en ten slotte ‘over een nieuw leven’. Als lezers leefden we mee, huiverden we soms en stonden versteld.


‘Ik vind jou een moeder van niks!’ zei mijn dochter

We waren in haar kamertje met het bloemetjesbehang. Een laatste streep zonlicht viel naar binnen. De negenjarige had net gedoucht, en draaide haar haren in de handdoek.

Ik lag al een tijdje op haar bed te wachten. De avonturen van Saskia en Jeroen in de aanslag.




recente posts