In 1980 ontving Hunter Thompson een brief van de hoofdredacteur van het tijdschrift Running, met het verzoek de marathon van Honolulu te coveren, hetgeen tevens een ‘goede reden is om wat vakantie te pakken’. Hunter vraagt zijn partner in crime (en illustrator) Ralph Steadman mee te gaan, en op de vlucht naar Hawaï ontmoet Thompson een man genaamd Ackerman, die zeer ingevoerd lijkt in de drugscene van Hawaï.
Nadat Thompson op typische Gonzo-wijze (wat wil zeggen dat het meer over Thompson dan over de marathon gaat) verslag heeft gedaan van het event, besluiten Hunter en Ralph (en diens familie) een beetje bij te komen aan de Konakust, in een strandhuisje. Het weer is echter waardeloos, de familie besluit terug te keren naar Engeland, waarop Thompson besluit met Ackerman de zee op te gaan.
Hunter vangt een enorme merlijn, een reuzenhaai, die hij met een speciale Samoaanse-oorlogsknuppel doodslaat. Als de vissersboot terugkeert naar de haven, schreeuwt Hunter triomfantelijk ‘Ik ben Lono!’, refererend aan de antieke Hawaïaanse God…